Overweging van 21-09-2014 door p. Leon Teubner.

In die tijd zei Jezus:

Het koninkrijk der hemelen

lijkt op een mens die als het licht wordt

meteen naar buiten gaat

om werkers te huren voor zijn wijngaard.

 

Het koninkrijk der hemelen lijkt op …..

Vandaag horen we één van de vele gelijkenissen

die Jezus vertelt om in ons íets van besef

van voeling met, van verstaan te wekken

van Gods werkzame aanwezigheid in en onder ons.

 

Jezus is gefascineerd door Gods aanwezigheid in zijn leven.

Hij noemt dat: het koninkrijk van God of het koninkrijk der hemelen.

Dat koninkrijk is voor Hem als een diamant met ontelbare facetten.

Geen definitie is omvattend genoeg om het te bepalen,

en daarom spreekt hij er alleen over in gelijkenissen.

 

Het gaat Hem in die vele gelijkenissen er altijd om

ons in contact te brengen met de liefde van God:

om ons te laten kijken met Gods ogen naar al wat is.

 

De gelijkenis bijv. van het mosterdzaadje opent ons oog

voor Gods werkzame aanwezigheid tot zélfs in het allerkleinste,

als groeiplaats van zijn bewarende liefde voor al wat ademt.

 

De gelijkenis van de schat in de akker

Wil ons de ogen openen voor Gods aanwezigheid in onze diepste grond,

welke een vreugde en een vrede geeft die onvergelijkbaar groter is,

dan de vreugde en de vrede die alle geschapen rijkdommen kunnen bieden.

 

Het gevaar van gelijkenissen is dat we ze niet in hun diepte verstaan,

maar dat wij blijven steken bij hun buitenkant en ze letterlijk nemen,

als zou het om feitelijke gebeurtenissen gaan zoals je die leest in een krant.

 

We zouden kunnen denken dat de gelijkenis van de werkers in de wijngaard

zou berichten over een ernstig conflict op de werkvloer,

of om het recht van elke werker op loon naar verdienste,

of om een werkgever die zijn werkers om eigen gewin tegen elkaar uitspeelt.

 

Maar het is met gelijkenissen als dat je kijkt

naar een prachtige en kostbare diamant.

Blijf je steken bij oppervlakte van de steen,

bij de talloze facetten waarin deze geslepen is,

dan ontgaat ons haar ware schat en verborgen rijkdom:

 

  1. het speelse licht dat vanuit het centrum van de diamant

naar buiten schittert en flonkert om onze blik te vangen,

en ons tot vreugdevolle verrukking brengen wil.

 

De gelijkenis van de werkers van het 1e en 11e  uur

gaat wezenlijk niet over eerlijke arbeidsomstandigheden,

maar over twee wijzen waarop wij kunnen kijken naar Gods schepping:

 

Wij kunnen kijken met de oneindig gunnende ogen van God naar al wat is,

maar wij kunnen ook kijken met een vergelijkend en berekenend menselijk oog,

een oog dat voortdurend terugbuigt op onszelf en op ons eigenbelang.

 

Dat laatste doen de werkers van het eerste uur

als zij morrend tegen de eigenaar zeggen:

 

Die laatst aangekomen werkers hebben maar één uur gewerkt

en u hebt hen gelijk gemaakt aan ons

die de last van de dag en de hitte hebben gedragen!

 

Waarop de eigenaar zegt:

 

Vriend, ik doe je toch geen onrecht

 

Opvallend is het verschil van kijken tussen de eigenaar en de werkers.

De werkers zien zichzelf in een contractrelatie staan met God.

Zij beschouwen zich als mensen die zichzelf aan Hem verhuren

om tegen een rechtvaardige beloning te werken in zijn schepping.

Zij zien zichzelf als huurlingen in Gods liefdesverbond

en werken niet uit liefde, maar om hetgeen de relatie oplevert.

 

Het verschil met hoe God naar hen kijkt wordt scherp verwoord

in de wijze waarop de eigenaar de werkers antwoordt:

 

Vriend, ik doe je toch geen onrecht

 

Vriend

In Gods ogen, in het speelse licht van zijn liefde,

in zijn bewarende wijze van kijken naar ieder van ons,

zijn wij ‘zijn vrienden’.

 

Vriend, ik doe je toch geen onrecht

het is mijn wil om aan ieder mens

net zo veel te geven als aan jou.

Staat het mij niet vrij met het mijne te doen wat ik wil?

of is jouw oog boos omdat ik goed ben?

 

Het vergelijkende en berekende oog van mensen

wordt hier door Jezus een boos oog genoemd.

 

Boos, omdat we de pretentie hebben dat iets van ons is.

Zodat wij iets te vergelijken of te berekenen hebben.

Maar: alles is ons gegeven, om-niet,

zo hoorden we God spreken middels de profeet Jesaja:

 

Kom, wie dorst heeft, hier is water;

en allen die geen geld hebt,

kom, koop koren en eet zonder geld,

en drink wijn en melk zonder betaling.

 

Water en koren en wijn staan bij Jesaja symbool

voor alles wat wij nodig hebben om te kunnen leven.

 

Het is gratis van God uit en voor geen geld te koop.

Maar wij mensen hebben onze samenleving zo ingericht,

dat wij ons meester maken van Gods gunnende goedheid,

en zijn werk te koop aanbieden aan onze arme naaste.

 

Daarom smeekt God ons via Jesaja:

 

             Buig jullie oor en kom naar Mij,

luister en je zult leven;

een eeuwig verbond sluit Ik met jullie.

 

             De goddeloze zal zijn weg verlaten,

de boosdoener zijn gedachten,

en terugkeren naar Mij,

die zich over hem ontfermen zal;

naar jullie God, want Hij geeft

en vergeeft rijkelijk.

 

Met zijn gelijkenis van de eersten en laatsten scherpt Jezus onze ogen

voor Gods aanwezigheid die in ieder van ons zijn koninkrijk wil vestigen.

Dat betekent dat Hij onze ogen en onze handen en voeten wil zijn,

en ons veranderen wil in gunnende en onvoorwaardelijke mensen.

 

Dat lijkt misschien een onmogelijke opdracht, maar dat is het niet.

God woont immers in ieder van ons en wil dat werk in ons verrichten.

Het vraagt van ons enkel dat wij proberen Hem niet te hinderen,

met onze voorwaardelijke, vergelijkende en berekenende blik.

 

Elke dag één keer proberen mee te bewegen met zijn gunnende goedheid,

elke dag één keer jezelf niet vergelijken met een ander;

elke dag één keer een ander iets werkelijk gunnen,

zonder dat je daar zelf ook maar iets beter van wordt.

 

Dat lijkt weinig, maar als je dit élke dag één keer echt doet,

zullen onze koninkrijkjes veranderen in het koninkrijk van God.

Het is als een druppel die zelfs de hardste steen uitholt.

Het zal onze grondhouding en ons kijken langzaam veranderen,

en stap voor stap zullen wij werkelijk lichaam van Christus worden.

 

Elke dag even werken in de wijngaard van de Heer.

Dan zullen de laatsten eersten worden, en de eersten laatsten,

die dan weer eersten zullen zijn, en dan weer laatsten…..

Zo zal uiteindelijk elke vergelijking en berekening

vastlopen in Gods bewarende liefde.

Alleen zo zal er werkelijk vrede komen op aarde,

in de mensen in wie God zijn behagen vindt

 

Advertenties

2 gedachten over “Overweging van 21-09-2014 door p. Leon Teubner.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s