Overweging van zondag 21-12-2014 door p. Leon Teubner

De engel Gabriel kwam binnen bij Maria en zei:

Verheug je, begenadigde, God is met je.

 

Wij hebben allemaal wel een voorstelling

van deze ontmoeting van de engel met Maria.

Hij lijkt in onze verbeelding, denk ik, sterk

op de engel die wel bij elke kerststal hangt:

een menselijke figuur met twee vleugels en een boodschap:

‘Vrede op aarde en in mensen een goede wil.’

 

Een engel als Gabriel lijkt zo een zelfstandig wezen te zijn,

een hybride gestalte, iets van een mens en iets van God,

uit de hemel neergedaald op aarde om mensen bij te staan.

 

Engelen zijn ‘in’, je kunt ze googelen op het internet.

Je kunt er zelfs een cursus vinden waarmee je in 10 stappen

met hen in contact kan komen om geestelijke begeleiding.

Maar als je zo naar engelen kijkt, verdwijnt er iets essentieels.

 

God zelf verdwijnt namelijk geheel uit het beeld,

en de engel op zich komt centraal te staan.

Maar een engel in de Schrift is nooit een op zichzelf staand wezen.

Een engel in de Schrift staat altijd voor het woord van God.

Hij ís het woord van God en zonder dat ís hij niet.

 

Uit eerbied en ontzag voor God wordt hier door Lucas

een engel, een boodschapper, ten tonele gebracht.

Maar het is God zelf die hier tot Maria spreekt en zegt:

 

Verheug je, begenadigde, want Ik ben met je.

 

Dit woord van God schokt Maria ten diepste:

Zij hoort en verstaat Gods woord tot háár gesproken:

 

Verheug je, begenadigde, want Ik ben met je!

 

God is met je – verheug je.

Dit woord – God is met je, hier en nu –

schokt Maria, en ook haar kijk op het leven,

op de werkelijkheid waarin zij leeft, op al wat is.

 

Alles wordt anders: zij weet nu –

ik ben een gezegende van God uit;

en zij voelt: God is met mij, altijd al,

God is met mij, bij alles wat ik doe,

bij alles wat mij overkomt.

 

Nadat dit goddelijk woord haar geraakt heeft

tot in het binnenste van haar ziel,

zegt de engel tegen haar:

 

                Zie, je zult zwanger worden en een zoon baren.

Zie. We worden met Maria uitgenodigd anders te kijken

naar het begin van een nieuw leven,

naar iets wat heel gewoon lijkt, maar het helemaal niet is:

 

                Zie, je zult zwanger worden en een zoon baren –

jij die nog geen man bekend;

En nog eens, even verder in het verhaal:

                Zie, je nicht Elisabet is in haar 6e maand –

zij die onvruchtbaar genoemd wordt.

 

Twee vrouwen die op zichzelf alleen niet vruchtbaar zijn:

Maria, want zij heeft nog geen man,

en Elisabeth die onvruchtbaar genoemd wordt.

En beiden zijn van God uit zwanger geworden.

 

Als Maria verneemt dat zij zwanger wordt,

vraagt zij zich af hoe dat kan gebeuren.

Hoe kan er nieuw leven in en vanuit mijzelf ontstaan?

Hoe wordt er vruchtbaarheid in mij verwekt?

De engel antwoordt haar en zegt:

 

Heilige Geest zal over je komen,

de kracht van de Allerhoogste

zal je overschaduwen;

 

Door Maria wil het evangelie van Lucas ons anders leren kijken,

naar wat we vanzelfsprekend hebben leren verstaan,

als de biologische geboorte van Jezus uit een maagd.

Het verhaal ontkent deze maagdelijke geboorte niet,

maar het legt de nadruk op iets geheel anders.

 

Het verhaal benadrukt dat alle leven enkel maar van God uit komt.

Ook ons leven, en het leven van al wat leeft.

Ook wij zijn in de moederschoot verwekt door heilige ademtocht.

Door de kracht van de Allerhoogste zelf

leven wij tot op vandaag ons leven, hier en nu,

 

En ook wij worden, zoals Maria, door God gezegend.

Alle mensen, mannelijk en vrouwelijk door Hem geschapen,

worden door Hem gezegend met vruchtbaarheid –

zíjn vruchtbaarheid – zo hoorden we in de 1e lezing.

 

In ‘n begin schiep God de hemel en de aarde.

De aarde was woest en leeg; duisternis lag over de diepte,

en Gods heilige ademtocht zweefde over de wateren.

 

En God zei: ‘Laat Ons mensen maken,

in Ons beeld tot Onze gelijkenis.

 

En God schiep de mens in zijn beeld;

in het beeld van God schiep Hij hem;

mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen.

God zégende hen, en sprak tot hen:

‘Wees vruchtbaar’.

 

Gods scheppende Geest,

het Woord van ieder nieuw begin,

spreekt en het is vruchtbaar.

 

Zijn woord spreekt: licht – en er is licht;

Zijn woord spreekt Oss – en Oss is;

Zijn woord spreekt Leon – en ik ben;

Zijn woord spreekt ieder van ons – en wij leven.

 

Al wat God spreekt, dat ís, dat bestaat,

en dat zal heilig genoemd worden,

want het is de vrucht van God, door Hem verwekt.

Het woord van God geeft al wat leeft,

Ja, geeft het leven zelf.

Dat Woord van God heeft nu in Maria zijn doel bereikt.

 

God zelf komt in haar tot leven.

Hij verwekt zichzelf in een jonge vrouw,

die zwanger wordt van zijn woord: van God zelf.

En precies dat wil Hij in het leven van ieder mens:

in ons tot leven komen en vruchtbaar zijn.

 

Wat we vandaag met Maria horen is een groot mysterie,

een Geheim dat ons ontgaat, als we het alleen maar verbinden

met de verwekking van Jezus zo’n 2000 jaar geleden.

 

Maria staat voor ons allemaal.

In ieder van ons, die het leven ontvangt van God uit,

wil Hij vruchtbaar tot leven komen.

Zijn diepste verlangen is het om ieder van ons

om te vormen tot zijn dochter, tot zijn zoon.

 

Gods woord spreekt ons elk moment nieuw leven in.

Hij verwekt ons hier, doet ons nu opnieuw geboren worden,

opdat wij vruchtbaar en  bevrijdend worden voor elkaar.

 

Laten ook wij het woord van de engel ontvangen,

en het beantwoorden met Maria, en zeggen:

Hier ben ik – mij geschiedde naar uw woord

 

Zodat de Messias ook in ons tot leven komt,

en Hij niet voor niets voor ons gestorven is.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s