Overweging van de Paaswake door p. Tom Buitendijk

Paaswake 2016 preek

Schokkende gebeurtenissen hebben onverwachte effecten.

Ook effecten ten goede.

Op een centraal plein in Brussel staat met roze en gele stoep krijt geschreven;

“Wij vormen een wereld”. “Liefde is sterker dan haat”. “ Wij staan op en leven door”. Deze woorden komen niet uit de bijbel of uit de kerk.

Ze komen uit de harten van geschokte en bange mensen die desondanks moed vatten om in vrijheid te leven, om openhartig te spreken, om rechtop in het leven te gaan en staan.

We zien dat geschokte mensen op een of andere manier geraakt worden door iets nieuws dat voorheen onbekend en onwerkelijk leek.

Dat ze worden aangezet tot een tot dan toe ondenkbare mogelijkheid:

mensen van allerlei afkomst, godsdienst en cultuur vormen één wereld.

De nuchtere vraag is: hoelang houden ze dat vol? Hoeveel maken we er van waar?

 

De evangelielezing eindigt met de reactie van Petrus: “Verbaasd nadenkend over het gebeurde”, ging hij terug naar de andere leerlingen.

Wat er gebeurd was, was de schokkende dood van Jezus aan het kruis.

Hij die de liefde en goedheid in eigen persoon was, werd uit de weg geruimd door mensen voor wie liefde een zwakheid is en voor wie goedheid het tegendeel is van eigenbelang.

Hij die koos voor weerloosheid in plaats van geweld tegen geweld,

werd schuldloos slachtoffer van bange machtshebbers als Pilatus en Herodes.

Hij die barmhartigheid een menselijk gezicht gaf, werd valselijk beschuldigd door de verkondigers en handhavers van godsdienstige regels en voorschriften.

Deze dood aan het kruis – deze schokkende daad van zinloos geweld – leidt nergens toe. Verbaasd denkt Petrus na en keert terug naar de groep leerlingen.

 

Maar dan breekt in de groep het besef door:

“Het mag niet zo zijn dat de liefde sterft.”

“Het mag niet zo zijn dat de weg die mensen naar elkaar toe gingen,

uiteen valt in dood lopende eigen wegen met bordjes ‘geen toegang voor onbevoegden’.”

Langzamerhand groeit de overtuiging:

“Het moet toch mogelijk zijn om wat Jezus deed, voort te zetten.”

“Het moet toch mogelijk zijn om in liefde en eenheid te leven.”

En na het besef: “Wij hoeven ons niet bij schokkende dood neer te leggen”,

na de overtuiging: “Het kan anders”,

de daadkracht: “Wij wagen het de weg van Jezus te gaan – een weg van breken, delen en dienen” “Wij wagen het de woorden van Jezus te spreken – vergeving, bemoediging, nieuwe kansen”.

 

Kort na het verslag van de aanslag in Brussel verscheen er op de televisie een gedragsdeskundige. Op de vraag hoelang mensen na zo’n aanslag nog bang zijn en hoe lang het duurt eer ze weer het gewone leven beginnen op te pakken, antwoordde de man optimistisch: “ Na de schrik en verstijving van het eerste ogenblik volgt er een periode van onzekerheid en verwarring. Over een dag of veertien hervindt het gewone leven zijn gang wel weer.”

Hebben dan ook de roze stoep krijt woorden hun betekenis verloren: “Wij vormen een wereld”. “Liefde is sterker dan haat”. “ Wij staan op en leven door” ?

Vermoedelijk wel. Het vleugje vernieuwing verflauwt gauw. We doen niet veel met de creativiteit die ons plotseling komt aanwaaien.

 

In de beweging van Jezus die wij als kerk zijn, wordt de schokkende ervaring van Jezus’ dood telkens overdacht. Iedere keer ervaren we de ongerijmdheid van dit sterven. Déze dode màg niet dood zijn, want Hij is de levende. Het opnieuw voelen van deze schok brengt ons over de grens van de dood heen. Gods trouw roept de dode Jezus tot nieuw bestaan. God begint in Hem een wereld waarin woorden als breken en delen, barmhartigheid en liefde, verzoening en dienstbaarheid wel gelding hebben. God schenkt ons Jezus als de nieuwe mens die ons allen uitnodigt met Hem mee te gaan doen in de beweging van menselijkheid. Jezus wordt voor ons de Verrezen Heer die onze leidsman ten leven is. Zijn creativiteit word in ons werkzaam en zet ons aan tot verrassende daden van goedheid en liefde.

Over veertien dagen moeten we niet ons oude patroon oppakken zoals de samenleving doet.  Als kerk mensen moeten wij de woorden van het centrale plein van Brussel: “Wij vormen een wereld”. “Liefde is sterker dan haat”. “ Wij staan op en leven door” , omzetten in concreet gedrag.

Ook al komen ze niet uit de bijbel, ze komen uit een door Gods Geest aangeraakt hart. Op uiterst actuele wijze getuigen ze van de Paasboodschap:

“ Leven is sterker dan de dood”.

Van harte wens ik u allen een Zalig Paasfeest toe.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorbede

 

Leon

 

In deze nacht van Pasen zijn wij verzameld rond de Verrezen Heer en bidden wij uit dankbaarheid om Zijn leven gevende Aanwezigheid in ons bestaan.

 

Lector

Wij danken u voor de bemoediging die u ons schenkt

wanneer wij ons klein en machteloos voelen in het grote wereldgebeuren.

Raak ons met het vuur van uw Geest

om de crisissen die ons treffen op creatieve wijze aan te kunnen.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

Lector

Wij danken u voor de kerk

die het schokkende verhaal van Jezus’ dood bewaart en herleven doet.

Dat wij daardoor tot bezinning worden gebracht

en zo open worden voor ongekend nieuwe wegen.

Raak ons met het vuur van uw Geest

om elkaar als nieuwe mensen te ontmoeten.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

 

Lector

Wij danken u voor de positieve en welwillende aandacht in onze stad

voor mensen voor wie het leven moeilijk is door

ziekte, baanloosheid, tegenslag en onrecht.

Wij danken u voor de inzet en toewijding van vele vrijwilligers in kerk en samenleving.

Dat wij geloven dat de kracht van Jezus’ verrijzenis dankzij hen

doorwerking vindt in heel de maatschappij.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

 

  slotgebed van de voorbede en van de viering.

 

 

Heer, onze God, door het vieren van het Mysterie

dat het leven sterker is dan de dood en dat liefde alle haat kan overwinnen,

worden wij bemoedigd om in deze wereld uw goedheid te verkondigen

en uw liefde uit te dragen.

Mogen daardoor vele mensen kunnen opstaan

uit nood en benauwenis en voluit tot leven komen.

Moge de kracht van de Verrezen Christus in ons werkzaam zijn.

Dit bidden wij U door Christus onze Heer.

 

 

 

 

 

 

 

 

Overweging van Witte Donderdag door p. Tom Buitendijk

Witte Donderdag 2016

 

U allen van harte welkom in  deze viering.

Met deze vieringen beginnen we de driedaagse viering van het  Paasfeest:

Vanavond gedenken wij de zelfgave  van de Heer in de gebaren van de dienstbaarheid:

de voetwassing, de broodbreking, in het laten rondgaan van de beker.

Morgen gedenken wij zijn sterven uit liefde en tot vergeving van onze fouten en tekorten.

Paasnacht gedenken wij zijn doortocht door dood en graf heen en hoe zijn leven vruchtbaar wordt:  zijn levenskracht in ieder van ons.

Ik mag u uitnodigen deze éne viering in drie gedenkdagen mee te maken

om met Pasen te vieren dat de gestorven Jezus de verrezen Christus is.

 

Overweging.

 

De Eucharistieviering van vandaag – van Witte Donderdag  – is niet zomaar een Mis.

Het is het hernemen – het opnieuw nemen – van de allereerste Eucharistieviering.

Er bestonden toen nog geen regels, geen vaste gebeden, geen gebruiken.

We zien al het ware de blote kern  – de oerkern – van het gebeuren

dat Jezus vanuit het diepst van zijn wezen volbracht.

Deze eerste Eucharistieviering noemen we ook  het Laatste Avondmaal.

In het laatste –in het gedenken van Jezus ‘dood –   ligt het begin van een nieuwe toekomst vol van leven  voor wie met Jezus mee wil gaan. Voor ons dus.

 

Dit laatste Avondmaal dat de eerste Eucharistieviering is, gebeurt tijdens het Paasmaal dat Jezus met zijn leerlingen houdt.

Als gelovige Joden vieren zij het Paasmaal ter gedachtenis aan het begin van een reis. Een reis  uit het land van de slavernij van Egypte naar het beloofde land van vrijheid, veiligheid en vrede. Ze eten een gebraden lam dat hen kracht geeft om die reis ook nu weer te aanvaarden. De reis naar het beloofde nieuwe land is niet afgelopen zolang er nog steeds mensen gevangen zitten onvrijheid, onrecht en liefdeloosheid. Ze eten er bittere kruiden bij om ook de moeilijke kanten van de weg naar de vrijheid te gedenken. Ze drinken en klinken met  bekers wijn uit  dank voor de weg die is afgelegd en op de toekomst die komen gaat.

Het is op dit Paasfeest dat Jezus aan tafel zegt: “ op weg naar het beloofde land zal ik straks worden gebroken en gedood. Als een lam.  Maar jullie blijven op weg.

Voor jullie is die reis naar het nieuwe land nog niet ten einde. Ik geef jullie brood mee voor onderweg. Zie , dit brood dat ik breek en uitdeel is mijn lichaam.  Als het leven straks uit mij wegstroomt, als ik leeg bloed,  dan wordt mijn bloed levenskracht voor jullie. Jullie worden verbonden en met elkaar verenigd door nu en altijd uit deze beker  de wijn van de vreugde en de toekomst te drinken.

 

In tekens van brood en wijn geeft Jezus zichzelf opdat wij door hem gesterkt onze reis naar een wereld van liefde en toekomst voor iedere mens kunnen voortzetten.  De kern van iedere Eucharistieviering is zelfgave als levensbron voor anderen.

Als wij dit oergebaar van Jezus gedenken dan beleven we dat Hij ook vandaag zichzelf aan ons geeft als bron van nieuw en vernieuwend leven.

U bent hier vanavond gekomen om het Laatste Avondmaal van Jezus mee te vieren.

Daarmee geeft u te kennen dat u voor uw weg door het leven de levenskracht van Jezus nodig hebt. Door het eten van een stukje brood en een beetje wijn worden wij als één gemeenschap aan elkaar gebonden. Als mensen die samen een weg naar een toekomst in slaan: een toekomst waarin dromen en verlangen waar worden.

 

Wij willen een wereld van vrede ….. daarvoor moeten we elkaar ontmoeten.

Wij willen een wereld waarin iedereen het goed heeft ….. dan moeten we wel woonruimte,  leefklimaat en welvaart met  elkaar delen.

Wij willen een wereld van vrijheid …… dan moeten we alle verslavende krachten overwinnen.  De meest verslavende kracht is de groei van de economie die steeds meer slachtoffers eist.

Wij willen een wereld waarin onze kinderen veilig kunnen op groeien…… dan moeten deze aarde met eerbied en zorgzaamheid bewonen.

Wij willen een wereld waarin wij allen als mensen kunnen opbloeien en leven,…. dan moeten  onszelf geven ten bate van anderen.

 

De evangelist Johannes heeft geen verhaal over de zelfgave van Jezus in de brood en wijn.  Hij heeft een ander verhaal over zelfgave. Zelfgave in dienstbaarheid.  Waar mensen elkaar durven dienen leren ze wat ontmoeten en delen is, wat vrijheid en zorgzaamheid is. Dienen is een manier van zelfgave die veel  van ons kan vragen.

Toch is bereidheid tot dienen het  kenmerk geworden van ons christen-zijn.

 

Er is onlangs een onderzoek geweest naar het geloof van de Nederlanders. 82 % van de Nederlanders gaat zelden of nooit meer naar de kerk. 70 % van de katholieken zegt dat het geloven nauwelijks iets voor hen betekent. We kunnen ons zorgen maken over al die niet – meer gelovigen. Maar dat help niet echt. Wat wel helpt is dat wij ons geloof bewuster beleven, er openlijk voor uitkomen, in woord en in daad laten zien dat het beter met de samenleving kan en zal gaan als wij in Jezus’ geest dienstbare mensen worden.

 

Je leest gemakkelijk over het zinnetje heen:  Jezus legde zijn bovenkleren af.

Daarmee kwam hij in zijn hemd te staan. Hij toonde zich daarmee in kwetsbaarheid. Geen enkele status. Eigenlijk geen gezicht. Niets meer dan een slaaf.

Zo staan wij als christenen in de samenleving. Geen triomferende kerk die de maatschappij haar regels op legt.  Maar een kleine bescheiden gemeenschap die haareigen fouten en tekorten  moet bekennen, maar die ook de vlekken van de samenleving  onder de aandacht te brengt en af wast.

 

Deze dienstbaarheid is de oorsprong van het ambt van bisschop, priester en diaken.

Jezus die in zijn ondergoed op zijn knieën een teiltje water voor zich uitschuift, gaat de kerkelijke ambtsdragers voor. Straks breekt hij brood en laat hij de beker rondgaan.

 

Deze drie oergebaren – dienen, breken , geven –  houden de samenleving op de goede weg naar een nieuwe wereld. Ook al wil de grote meerderheid van ons land niet mee, dan moeten wij – kleine groep –  toch door gaan en voortgaan.   Gaat u mee ?

 

 

 

 

 

 

 

Voorbede

Leon

Goede God, op deze avond gedenken wij de liefde van Jezus tot het uiterste toe. Help ons in Zijn Geest elkaar lief te hebben en te streven naar eensgezindheid onder alle mensen.

 

Lector

Gij , God, die ons oproept op weg te gaan naar het land van belofte,

zie om naar uw mensen op aarde.

Velen leven in nood en verdriet, geplaagd door honger en dorst.

Velen leven in onvrijheid en  worden vervolgd om hun geloof en levensovertuiging.

Velen leven in armoede en in onzekerheid over de dag van morgen.

Ook in het welvarende Nederland van nu.

Bevrijd ons uit oorlog en tweedracht.

Behoed ons voor een samenleving

waarin weinigen meer rechten hebben en velen rechteloos gemaakt worden.

Breng ons tot respect en eerbied voor elkaar.

Help ons  de weg van bevrijding te gaan.

STILTE Laat ons bidden.

 

Lector

Gij, God, die ons oproept om als christenen van harte eensgezind te zijn,

zie om naar de beweging van Jezus die tot kerk is geworden.

Maak uw kerk bescheiden in de verkondiging van haar eigen visies  en overtuigingen..

Maak uw kerk volhardend  in het uitdragen van Jezus’ Boodschap: “heb elkaar lief.”

Maak uw kerk nederig en rouwmoedig in het belijden van tekorten en fouten.

Bevrijd ons van eigendunk en maak ons bereid elkaar als leerlingen van Jezus te aanvaarden  die onze enige Leraar en Meester is.  Laat ons bidden.

STILTE Laat ons bidden.

 

Lector

Gij , God, die ons oproept op weg te gaan om met anderen te leven,

zie om naar ons en naar alle mensen die ons ter harte gaan.

Wij bidden voor de vluchtelingen in ons midden.

Dat wij hen ruimte bieden om  met ons tel leven.

Voor de zieken in de parochie, in de kring van de familie en vrienden.

Voor hen die leven met de dood voor ogen en voor hen die gestorven zijn.

Wij gedenken  hen door  in stilte hun namen  te noemen… s t i l t e

 

Daarbij voegen we de namen van hen voor wie ons gebed is gevraagd:

INTENTIES  EN KAARS

 

STILTE Laat ons bidden.

 

Leon

God, u roept ons om weg te trekken uit onszelf,

om samen uw ene volk te worden,

om in onderlinge dienstbaarheid uw Rijk gestalte te geven.

Amen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Overweging van Eerste Paasdag door p. Jan Brouns

Eerste Paasdag 2016 – Titus Brandsmaparochie Oss

In het Bijbelboek met de naam Genesis (dat woordje betekent ‘wording’, ‘begin’ of ook wel ‘geboorte’), wordt ons in beeldende en dichterlijke taal verhaald over ‘het ontstaan van mens, dier en wereld’, over de aanvang van alle leven. Dat begin en het leven, zo wordt ons verteld, ontstaat door een ingrijpen van God. We lezen: zijn geest zweefde over de chaos en de doodse woestenij. De duisternis wordt daardoor omgevormd tot een paradijs. In dat paradijs kreeg ook de mens een plek. Door diens toedoen werd de paradijselijke wereld (niet direct uit onwil, maar meer uit onmacht – we noemen dat ‘erfzonde’) opnieuw een oord van duisternis en dood. Het lijkt het noodlot van de mens: hij kán het goed hebben, maar maakt er een potje van. Hoezeer wij ook verlangen naar een paradijselijk bestaan, het lukt ons niet. De Bijbel zegt het met zijn eigen taal: de toegang tot het paradijs is afgesloten met een heen en weer flitsend, vlammend zwaard. Alle generaties voor ons hebben dit ervaren. Ook wij worden dagelijks geconfronteerd met onze onmacht, in ons persoonlijk leven en in de hele geschiedenis; het is een onmacht die leidt tot de erbarmelijke toestanden die we iedere dag weer te zien krijgen. We leven in chaos en duisternis, in de woestenij van het begin. We zijn terug bij af; we wonen in de dood. De dood: het einde van de menselijke beschaving; het einde van ons persoonlijk leven; het einde van alles.

Het is nu 125 jaar geleden dat zich in deze plaats Oss karmelieten vestigden. Er is in het voorbije jaar op meerdere manieren aandacht aan gegeven. Het zal u niet zijn ontgaan. Die karmelieten hebben, geïnspireerd door een ander verhaal – ik kom daar zo dadelijk op terug – gedurende die 125 jaar geloofd in een herstel van het paradijs; ze hebben geloofd in licht, in leven! Ze hebben geloofd in waarachtige menselijkheid, in liefde die het duister overwint. Ze deden dat, in alle betrekkelijkheid – het waren en zijn geen heiligen – vanuit de inspiratie die het evangelieverhaal van vandaag hen bood. Dat evangelie gaat over dood en duisternis. De duisternis van de dood en van een graf. Maar ook van een nieuwe aanvang, een nieuw begin: er wordt gesproken over een geopend graf en over opstaan uit de dood. Het hele evangelie staat vol met woorden over iets nieuws. En vooral met daden en gebaren die dat nieuw verhoopte tot werkelijkheid brachten. Doven en blinden blijven niet gevangen in hun onvermogen om te horen en te zien; hun worden oren en ogen geopend. Meerdere keren wordt ons  verteld over Jezus van Nazareth die de dood in alle vormen waarin die kan verschijnen, een halt toeriep en die toekomst opende voor wie die menselijkerwijze niet meer had. Denk aan de vrouw die gestenigd zou worden; denk aan Lazarus die geen leven meer had en zovele anderen …. verlamd en uitgestoten van het leven van alledag, veroordeeld tot niet-leven … tot liggen aan de rand van de maatschappij, leven in de marge, niet gezien, geminacht, niet welkom …. De karmelieten hebben in de 125 jaar van hun aanwezigheid in Oss de hoop in de harten van velen levend willen houden en talloos veel parochianen leven gegeven, ook letterlijk.

Ik sprak enkele momenten geleden over een heen en weer flitsend, vlammend zwaard dat het nieuwe paradijs afsloot. De karmelieten en velen met hen geloofden en geloven in de wenkende kracht van het kleine vlammetje dat ieder jaar (ook gisteravond weer) in de Paaswake wordt ontstoken: inderdaad, een klein, onooglijk vlammetje, een teer en zwak teken van hoop, van licht in het donker. Maar in diepe duisternis is dat lichtje niet over het hoofd te zien. Je kunt je erop oriënteren; het kan je de weg wijzen in het duister … het geeft je de kracht om vol te houden tegen alles in wat lokt om er de brui aan te geven.

Donker en licht, einde en begin, afsluiten en openen, hoop en wanhoop, realiteit en ideaal … Pasen betekent voor mij dat ik me niet wil en niet kan en niet hoef neer te leggen bij wat onvermijdelijk is: duisternis en dood of met andere woorden: bij oorlog en ellende, armoede en mensonterende toestanden, eigenbelang en eigen volk eerst. Er is in Jezus een mens onder ons geweest die heeft laten zien dat het anders kan. Hij heeft aan dat ideaal vorm gegeven, bezield door de geest van God die ook over de chaos zweefde. Hij heeft door zo te leven de machten van het kwaad uitgedaagd; hij werd uit het land der levenden geweerd; we herdachten het op Goede Vrijdag. De duisternis heeft hem kort voor Pasen het levenslicht ontnomen. Maar, naar het getuigenis van Maria van Magdala en de leerlingen Petrus en Johannes is de geest van God niet achter een grafsteen op te sluiten. Die geest van God gaat ook na de dood van Jezus als een lichtend vuur door de wereld, te midden van de ook nog bestaande duisternis.

Karmelieten willen in het spoor van de profeet Elia gaan en de afgod van de moedeloosheid en de wanhoop te lijf gaan. Ze bestrijden de goddeloze en onderdrukkende, duistere en tot de dood voerende machten in de samenleving van hun tijd; zoals bijvoorbeeld Titus Brandsma, de patroon van uw parochie en ereburger van deze stad, dat deed ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Ze bleven zich in hun leven oriënteren op alles wat opening bood uit verstarring en mensonwaardigheid.

Pasen vraagt van ons dat wij opstaan uit sleur, gemakzucht en verlammende  onverschilligheid – dat wij opstaan tegen alles wat mensen onderdrukt in kerk en maatschappij – omdat we geloven geroepen te zijn uit de chaos, omdat we geloven in een paradijs. Daartoe zijn we gedoopt en gevormd …

125 jaar Karmel in Oss. De komende jaren beschikt de parochie over een karmeliet pastor in de persoon van pater Tom Buitendijk. Ik ben hem zeer erkentelijk dat hij de mensen met wie hij zo verbonden was en die van hem hielden en hem waardeerden om zijn pastorale kwaliteiten, heeft willen loslaten om hier de goede boodschap van Jezus te verkondigen en u in het beleven daarvan voor te gaan.

Ik wil u vragen: ga samen met hem de weg uit duister naar licht. Sta op en herschep de chaos tot paradijs, vooral voor de mensen die zoveel moeten lijden …

Overweging van zondag 13 maart door p. Tom Buitendijk

 

Het thema van deze viering is ook het thema van de vastenactie.

“De nieuweling in ons midden”.

De vraag die er onder schuilt, luidt: hoe zullen we de nieuweling ontvangen?

Er zijn twee houdingen die spontaan opkomen:

Wat voor mens zal het zijn en wat mogen we van hem verwachten? Of:

Wat moet deze mens hier en hoe krijgen we hem zou gauw mogelijk de deur uit?

Dat zijn spontane houdingen die zomaar ineens in je op kunnen komen. Daar kun je niets aan doen.

Maar als je even gaat nà denken dan wordt de vraag wat anders.

Dan wordt de vraag: hoe behoor ik als mèns met nieuwelingen om te gaan?

En als ik als mens dan ook een christenmens wil zijn:

hoe kan ik al christen met nieuwelingen in ons midden omgaan?

Wij zijn niet alleen burgers met een vrije meningsuiting die van alles kunnen roepen en zeggen.

Als christenen worden we gevraagd onze vrije meningsuiting te gebruiken met het oog op de bevordering van menselijkheid. Wat een christen vindt, moet altijd in het teken staan van meer mens- wording.

Als de nieuweling een nieuwe pastor is, dan zijn dit soort vragen niet zo moeilijk.
Ik heb in de afgelopen periode veel mensen ontmoet die mij willen helpen om mij in Oss thuis te doen voelen.

U en ik – wij hebben verwachtingen van elkaar. Soms valt het mee. Soms valt het tegen. De grondhouding is in ieder geval aan beide kanten positief.

Maar als de nieuwelingen vluchtelingen zijn? Als die vluchtelingen met 300 tegelijk in ons midden komen wonen, wat dan? Spontaan komt de vraag op: wat moeten wij met die mensen hier? De realiteit is dat ze komen en dat we ze niet kunnen weg denken. Op een of andere manier moeten we met deze mensen omgaan.

Het evangelieverhaal van vandaag kan ons hierbij helpen. Misschien vind u het een beetje gek, maar toch is het zo. Een overspelige vrouw – waar is trouwens de man als ze op heterdaad betrapt zijn? – een overspelige vrouw is geen vluchteling. Maar beiden zijn kwetsbare mensen en beiden worden beoordeeld door mensen met vooroordelen. Die vrouw moet wel een slechte en op seks beluste vrouw zijn als ze vreemd gaat. Maar is dat zo?

Ook vluchtelingen lijden onder vooroordelen: het zijn economische vluchtelingen; ze kunnen beter in de regio blijven; ze passen niet in onze waarden en normen. Maar is dat zo?

Beiden worden misbruikt. De Schriftgeleerde misbruiken de vrouw omdat zij met Jezus over de joodse wet willen discussiëren. De vrouw interesseert hen eigenlijk niet. De heren theologen beseffen niet hoe vernederend het is als aangeklaagde vrouw in de kring te staan.

De vluchtelingen worden misbruikt door mensensmokkelaars die hun geld afpakken, hen verkeerde voorlichtring geven en hen in de steek laten. Wij beseffen niet wat het betekent te moeten vluchten uit een brandende stad waar al weken lang geen eten meer is en waar de kinderen en oude mensen op straat sterven. Je moet het verhaal hóren hoe verschrikkelijk het in Syrie en Irak is. Het is zó verschrikkelijk dat mensen hun leven wagen op een wankel bootje. Maar om het verhaal te horen moet je hen ontmoeten en beluisteren. Om te weten wat vluchten is moet je vluchtverhalen durven aanhoren. Luisteren is heel wat anders dan vooroordelen uiten.

Er komen over enige tijd driehonderd mensen in ons midden wonen. Gaan we in een grote kring om hen heen staan en roepen we dan: ‘wij hebben ook problemen met inkomens, met huizen, met voorzieningen. Blijf van onze centen af. Ga terug naar je eigen land.”? Die mensen vluchten uit een brandend huis, maken een gevaarlijke tocht, willen hier op adem komen en veiligheid ervaren en wij zeggen: wij hebben het ook weleens moeilijk. Geen plek voor jullie hier. Hoe logisch is het om onze problemen te verbinden met hun nood?

In onze kring staat een bijzondere figuur. Hij roept niet, wordt niet boos, zegt niets. Hij tekent poppetjes in het zand. Ineens ontdekken we: Jezus staat te midden van ons. Wat zou Hij zeggen?

Jezus houdt geen strafrede tegen de Schriftgeleerden omdat ze op zo’n schandalige manier met hem willen discussiëren over de rug van die vrouw. Hij houdt ook geen pleitrede voor de vrouw. Hij zoekt geen verzachtende omstandigheden. Hij begint ook niet over de man als medeschuldige. Hij verwijt ook onze spontane gedachten  niet|: “wat doen die nieuwelingen hier? Laten ze terug gaan naar eigen land.”  Jezus verwijt niemand iets.

Maar als de omstanders aandringen, zegt hij:” kijk eens naar je eigen situatie? Ben jij zonder zonde? Zou jij graag op je kwetsbaarheid gepakt worden?”

Hij zegt ons: ”kijk eens op een andere manier naar mensen. Zie ze niet als naamloze massa, maar als mensen die een eigen verhaal hebben.  Luister naar dat verhaal. Dan oordeel je anders. Dan word je geraakt en tot hulp bereid.  Net als jij leeft ieder van barmhartigheid en vergeving. Net als jij wil iedereen als mens gezien worden en niet als een moeilijk probleem. Net als jij heeft iedereen recht op leven en op een nieuwe kans”.

Wat de 300 vluchtelingen nodig hebben is niet een klap in het gezicht die hen terugdrijft naar Syrië of Irak.

Wat ze nodig hebben is een toekomstperspectief. De profeet Jesaja belooft aan het volk dat uit ballingschap terugkeert een weg van hoop en bevrijding. De droge woestijn wordt vruchtbaar land, de steppe zal bloeien, de wateren worden getemd en geleid, de mensen kunnen in veiligheid een toekomst tegemoet wandelen van vrede en veiligheid. “Zie ik ga iets nieuws beginnen”, zegt God. “het is al begonnen, merk je het niet”.

Als er driehonderd mensen  komen dan  begint  er iets nieuws in de samenleving.  Dat kan best wel eens  moeilijk zijn, maar waarom zouden we niet als Osse gemeenschap samen met hen een goede weg op gaan?

Kunnen die driehonderd  ons dan ervaren als medemensen?  Mensen die niet bevooroordeeld òm hen heen staan. Maar als mensen die nààst hen staan – als medemens. Vergeet niet dat de naaste een mens is zoals jij zelf bent. Wij zijn allemaal kwetsbare mensen die leven van barmhartigheid.