Overweging van zondag 26 juni 2016 door p. Tom Buitendijk

Inleiding

Van harte welkom in deze viering. Vandaag confronteert Jezus ons met de volgende vraag. Je bent nu wel christen. Maar ben je er echt geschikt voor om Mij te volgen op de weg naar de nieuwe samenleving die we het Rijk van God noemen? Wij zijn christen aan het worden en kunnen dagelijks onze geschiktheid bewijzen. Soms lukt dat heel goed. Soms ook helemaal niet. Willen we in een ogenblik stilte God en elkaar om ontferming vragen.

 

Overweging

Er zijn dingen die je “een beetje “ kunt doen en dingen die om “totale inzet” vragen. Je kunt een beetje suiker en melk in de koffie doen. Je kunt niet een beetje van je partner houden. Liefde is iets totaals. Liefde kan wel sterker of zwakker zijn maar niet een beetje wel en een beetje niet.  Je kunt niet een beetje gelovig mens zijn en voor een ander  gedeelte van je levenswijze niet.  Wie ’s zondags in de kerk zit en door de week de beest uithangt is geen geloofwaardige christen.  Gelovig zijn is een levenshouding van heel de mens; geloven komt tot uiting in alle gedragingen ; geloven is alles wat je bent en hebt toe vertrouwen aan God,  Je kunt sterker en zwakker geloven. Je kunt niet zeggen: ik leid gedeeltelijk een gelovig leven en voor het andere gedeelte ga ik mee met een levensbeschouwing waar in voor God geen plaats is.  De vraag waarmee het evangelie is confronteert is deze:  Zijn wij geschikt voor het Rijk van God?  Je kunt je heel erg druk maken over de verouderende en krimpende kerk, je kunt oprecht bezorgd zijn voor de toekomst van de parochiegemeenschap, toch is de enige vraag  waar het op aan komt deze : wil ik Jezus navolgen op zijn weg naar het Rijk Gods?  Durf ik Jezus na te volgen? De eerste zin van de evangelielezing van vandaag is geen gewone zin. “Toen de dagen van zijn verheffing hun vervulling naderde, aanvaardde Jezus vastberaden de reis naar Jeruzalem.” Verheffing, vervulling en vastberaden zijn woorden die ver uit gaan boven de mededeling: Jezus ging weg uit Galilea en ging op weg naar Jeruzalem. Het is een kernzin die heel Jezus ‘leven samen vat. In Galilea stelde Jezus aan zijn leerlingen de vraag: “Wie ben ik voor jou? Is jouw band met Mij zo sterk dat jij een kruis op je zou willen nemen?” Het woord ‘verheffing’ doet toch denken aan: aan het kruis omhoog geheven worden. Vervulling doet toch denken aan een roeping, aan een taak die volbracht moet worden. “Het is volbracht” zegt de gekruisigde Jezus. Vastberaden betekent toch dat Jezus zich zelf als het ware bijeen gepakt moet hebben om die tocht te aanvaarden. Als Hij in Galilea was gebleven, dan was hem waarschijnlijk niets overkomen. Toen Hij  in Jeruzalem de dood aan het kruis op zich af zag komen, is hij niet gevlucht. En de leerlingen: schoorvoetend en lang niet alles begrijpend gaan ze met Jezus mee. Ze volgen Hem wel, maar zijn ze al echte navolgers? Lucas geeft drie keer aan wat het betekent om Jezus echt te volgen. Daarbij gebruikt Lucas het roepingsverhaal van de profeet Elisa. Elia zoekt een opvolger als profeet en vraagt Elisa of hij met hem mee wil om het zwervende bestaan van een profeet te delen.  Elisa vraagt om afscheid te mogen nemen. Dat mag best van Elia, maar dan kun je de profetenmantel beter terug geven. Je kunt niet een beetje profeet zijn.  De Naam van God in het land  hooghouden is belangrijker dan je ouders groeten. Elisa begrijpt het en eindigt zijn bestaan als rijke boerenzoon door de ossen te slachten, de jukken te verbranden, het werkvolk te eten te geven.  Nu pas kan Elisa Elia achterna. Leven als profeet is radicaal: God alleen is genoeg. Lucas toont ons drie mensen: Een optimist die denkt: “Jezus volgen kan ik wel. Ik ben echt een fan van Jezus ”. “ Ga je ook nog mee als je je bestaanszekerheid moet opgeven?” , vraagt Jezus.  Wij weten niet of die optimist is meer gegaan. Er zijn ook mensen in wie Jezus iets ziet. “Die lijkt me geschikt voor het Koninkrijk”. “Volg mij”, vraagt Jezus. “Mag ik eerst mijn vader begraven. De doden begraven is toch een hele hoge religieuze plicht. Die mag je nooit verwaarlozen”.
Jezus zegt: “de verkondiging van het Rijk God brengt nieuw leven tot stand. Dat is jouw roeping en taak. Het andere redt zich zelf wel.”  We weten niet of Jezus zich vergist heeft. Het lijkt erop van wel. Ook deze man ging niet mee. Tenslotte de kandidaat met de goede bedoeling. “Ik zal u volgen, maar ik heb wel een voorwaarde. Ik moet eerst mijn huisgenoten gedag gaan zeggen. Dan kom ik zo bij u.” “Ga maar rustig naar huis en je hoeft niet terug te komen. Wie zijn sociale binden niet los kan laten, is ongeschikt om een nieuwe maatschappij op te bouwen waarin alle mensen elkaar zussen en broers zijn.  Wie het verleden niet kan los laten om zich met hart en ziel aan de toekomst te wijden, is ongeschikt.” Ook deze kandidaat komen we niet meer tegen in Jezus’ gezelschap. Het wordt tijd om de vraag die Jezus aan u en aan mij stelt onder ogen te zien: Ben ik nu wel geschikt om navolger van Jezus te zijn? Dat kruis, dat zwerven, dat loslaten, dat delen met elkaar, die zuster – en broederschap…… voel ik daar wel voor? Is mijn band met Jezus sterk genoeg om de weg te gaan die Hij gaat? Misschien is het eerlijk om te zeggen: “ Ik ben nog steeds geen christen. Ik ben christen aan het worden. Of ik het zijn zal, laat ik aan het oordeel van de Heer over”. Tijdens mijn leven wil ik mijn keuze om in Jezus’ geest en gezindheid te leven steeds meer verdiepen. Ik kies ervoor om meer en meer voluit christen te worden. We moeten van het idee af dat christen -zijn iets vanzelfsprekends of iets vrijblijvends is. Je zult vaak dwars tegen wat “men” denkt, zegt en vindt, in moeten gaan. Je zult als iemand die in een nieuwe samenleving gelooft,  altijd tegenstand ondervinden. Je wordt vanwege je geloof niet meer gedood, maar wel uitgelachen of doodgelachen. Christen- zijn is een keuze. Die keuze maak je dagelijks in kleine dingen. Soms moet je een beslissende keuze maken. Heeft het christelijk geloof nog toekomst ?  Dat hangt af van hoe wij  vandaag christen zijn.  Eén overtuigd christen brengt het Rijk Gods méér nabij dan een hele kerk vol ja knikkende mensen die er niet aan denken eraan te beginnen. Misschien bent u wel de kandidaat in wie Jezus iets zit.  Laten we dan hopen dat Hij zich niet nog een keer vergist. Amen.

 

Voorbede

Pastor
God hoor ons bidden en verhoor ons.

Lector
Bidden wij voor de kerk die midden in de samenleving wil staan. Dat de keuze voor vrede en gerechtigheid, voor eerbied voor het leven en liefde voor de armen wereldwijd ons kenmerk is.

S T I L TE  Laat ons bidden.

 

Lector
Bidden wij voor de Europese samenleving die geschokt en gewond is nu Engeland de Europese Gemeenschap verlaat. Dat de overige landen wegen vinden om migranten, werkelozen en achtergestelde mensen toekomst te bieden. Dat de Europese gemeenschap haar christelijke waarden hervindt,

S T I L TE  Laat ons bidden.

 

Lector
Bidden wij  voor onszelf . Om moed om christen te zijn in deze samenleving en in deze tijd. Dat wij de Naam van God hoog houden de wereld van vandaag. Dat wij krachtig en sterk zijn in onze keuze voor Christus en zijn kerk.

S T I L TE  Laat ons bidden.

 

Lector
Voor onze parochiegemeenschap. Voor de zieken, de bedroefden en de vereenzaamden. Dat wij voor hen een naaste willen zijn. Om een fijne en ontspannen vakantie voor de schoolgaande jeugd, het zingende koor, de hardwerkende mensen en de ouderen die het verdiend hebben. Dat zij krachten opdoen voor wanneer de tijd van werken aanbreekt.

S T I L TE  Laat ons bidden.

 

 

Pastor

Maak ons geschikt voor uw Koninkrijk opdat wij daarin mogen delen. Dit vragen wij U door  Christus de Heer.

Advertenties

Overweging van 12-6-2016 door p. Tom Buitendijk

Woord van welkom

Van harte welkom in deze viering. Een centraal woord in ons geloof is het woord vergeving. Vergeving vragen en vergeving bieden: Wat is het moeilijkste?  Voordat we kunnen vergeven of vergeven kunnen worden, is het goed om te zien wat er werkelijk aan de hand is. Wat we onder ogen moeten zien is dat niemand van ons vrij is van zwakheden en tekorten. We leven in zekere zin allemaal van vergeving, van de kansen die God of medemensen ons bieden. Iedereen heeft het recht genomen te worden: niet zoals hij of zij als tekortschietend mens is, maar zoals zij of hij ten diepste of op zijn beste momenten mens is.

Openingsgebed

God, u bent barmhartig en goed voor ons en voor iedere mens. Help ons barmhartig te zijn voor elkaar. Help ons een samenleving op te bouwen waarin niemand gebrek lijdt, omdat wij bereid zijn te delen n uw Naam. Dit vragen wij u door Christus onze Heer.

Gebed over de gaven
God, in brood en wijn bieden wij onze inzet aan voor mensen in nood in ons midden.  Mogen wij uw Liefde uitdelen van mens tot mens opdat iedereen gevoed en gesterkt door het leven kan gaan. Dit vragen wij u door Christus onze Heer.

 

Slotgebed.

God, in deze viering zijn we ons meer bewust geworden
hoezeer ons land en onze samenleving
waarden als vergeving en compassie nodig heeft.
Mogen wij die zelf zo beleven
dat het christelijk geloof aantrekkelijk wordt voor anderen.
Doordring onze samenleving met uw Geest van liefde.
Dit vragen wij u door Christus onze Heer.

We hebben vorige week een bewogen week gehad in de parochie op weg naar maandag 6 juni toe.
Het Diaconaal Beraad wilde die maandag op roepen vluchtelingen te helpen.De kans dat tegenstanders van asielzoekers de bijeenkomst wilde verstoren was groot. Met politiebewaking is die avond door gegaan. Het was werkelijk een geslaagde avond. Veel mensen hebben beter inzicht gekregen in de feiten over vluchtelingen. Ook zijn er mensen die concreet hulp gaan aanbieden.Ik stond met een politieagent op het kerkplein. Komt er iemand aanlopen die ik niet ken. Ik vraag de agent:” Bezoeker of relschopper?” “Zo te zien bezoeker, zegt hij.We kijken naar de meisjes met tattoos en rood wit blauwe strepen.
“Eigenlijk zijn we ook aan het discrimineren”, zegt de agent.
Een verslaggeefster vraagt: “Zijn alle vluchtelingen voor jullie als gelovigen welkom?”. “Het gaat van ons om mensen die een status hebben. Die mogen hier zijn, ” antwoordde ik. “ Dat klink niet als een warm welkom”, zegt ze. “De realiteit is dat ookkerkmensen verdeeld zijn.” , antwoord ik. “Wat vindt u van de mensen aan de overkant”, vraagt ze. “Ik vind het jammer dat ze ons niet gunnen vluchtelingen die hier zijn, te helpen”. “U bent niet tegen ze”, vraagt ze verder. “Ik ben voor hulp aan mensen. Daarvoor is deze avond.”
Wij zijn geneigd om op zo’n avond een splitsing te maken: wij binnen de kerk zijn de goeden. Zij daar aan de overkant zijn de domme schreeuwers en relschoppers.
Wij zijn de rechtvaardigen; zij de zondaars. Voor die avond klopt dat wel, denk ik. Maar toch: zouden bij tegenstanders van vluchtelingen er ook mensen kunnen zijn die zelf slachtoffer van onrecht, uitsluiting en minachting zijn?
En wij: zijn wij als brave burgers en kerkgangers helemaal vrij van vooroordelen en discriminerende gedachten? Voelen we ons niet opgelucht nu veel Syriërs niet verder komen dan Turkije. Een land dat wij betalen zodat ze hier weg blijven? Hoe kijken wij naar onszelf? Hoe kijken wij naar anderen? Zien we alleen andermans fouten of zien we ook ons eigen tekort? Ik denk dat het evangelie van vandaag ons kan helpen deze vragen te beantwoorden.
We zien tegenover elkaar: de farizeeër die zo vriendelijk is om Jezus te eten te vragen en de vrouw die weet dat ze als uitgesloten en geminachte vrouw helemaal niet in de buurt mag komen.
Wie haar aanraakt of zich door haar laat aanraken wordt zelf door haar fouten bezoedelt. De farizeeër kijkt vanaf zijn ligbed aan tafel op haar neer. Duidelijk een zondares. Kun je zo zien. Stom van Jezus dat hij dat niet ziet. Hij is vast en zeker geen profeet. Had ik hem nou maar niet aan tafel gevraagd. De vrouw durft niet op te kijken, maar kust en zalft met gebogen hoofd Jezus voeten. En wij, wij kiezen bijna automatisch partij. Wij zijn voor de vrouw. Wij zijn tegen de farizeeër. Wij hebben medelijden met de zondares en vinden de farizeeër arrogant.  Het knappe van Jezus is dat hij beiden met liefde en begrijp kan aankijken en … naar elkaar kan laten kijken. “Simon, zie je die vrouw? Wat zij deed, heb jij niet gedaan.” Hij verwijt het Simon niet. Hij laat Simon wèl kijken naar zijn eigen tekort.
Hij verklaart de vrouw die hem zalft, niet heilig. Hij wijst haar op haar vele zonden en vergeeft ze. Hij loopt niet boos weg van tafel en antwoordt alle mensen die zich af vragen: “Hoe kan Hij vergeven?” met de verzekering: “ Het vertrouwen van die vrouw heeft haar gered. Zij mag gaan in vrede.” Het vertrouwen dat God liefde is! In dit verhaal vraagt Jezus ons: hoe kijk jij nu naar mensen? Kijk ik met een blik van: zij is niet meer dan een zondares…
Hij is niet meer dan een vluchteling…
Zij is niet meer dan een relschopper ….
Hij is niet meer dan een politicus die met geld zijn problemen afkoopt…
Zij is niet meer dan een scheldende schreeuw lelijk….
Of zien we iemand die spijt heeft van zonden en een nieuwe en beter leven wil; die veiligheid, vrede en toekomst voor zijn gezin zoekt. Of iemand die werkelijk bang is voor vreemden omdat hij niet met hen kan praten. die uit angst een grote mond op zet en een klein hartje heeft. Of iemand die kijkt naar de volgende verkiezingen en stemmen wil binnenhalen. Begaan wij bij ieder “zij / hij is niet meer dan…. “ de zonde van het vooroordeel waar wij vergeving voor nodig hebben? Vaak zijn wij zelf niet meer dan farizeeër die zichzelf rechtvaardigt en bij een ander alleen maar de fouten ziet. “Ga in  vrede”, zegt Jezus. In onze samenleving kunnen we alleen maar in vrede onze weg gaan als we ons vertrouwen stellen op Gods barmhartig liefde die wij ontmoeten in Jezus en die wij gestalte geven door daden van vergeving. Maar als we eerlijk zijn: soms kunnen wij niet tot bereidheid om te vergeven komen. Wij kunnen die liefde niet opbrengen. Nodig is gesprek. Dialoog. Elkaar verstaan. Wanneer het gaat om leed dat we elkaar hebben aangedaan, dan is het ook nodig om samen de schuld onder ogen te zien. Vergeven gaat niet automatisch. Het is vaak een lang proces waarin we met pijn, angst – en haatgevoelens, wrok en verbittering moeten omgaan. Maar in hetzelfde proces is er ook ruimte voor liefde, begrip, compassie en geduld, Vergeven betekent een ander niet vastprikken op zijn tekort maar ruimte bieden om een nieuw begin te maken. Vergeven betekent iemand niet terug wijzen naar een verleden maar hem toekomstperspectief bieden. Vergeven betekent met de ogen van Jezus naar medemensen kijken: het goede in de zondaar zien en het tekort in eigen rechtvaardiging. We zijn lang niet altijd even goed als we denken. Als we mild en barmhartig willen zijn voor onszelf waarom dan niet voor anderen die zijn zoals wij?

Pastor

Bidden wij tot God opdat hij met barmhartigheid onze beden ziet en wil verhoren.
Lector: Wij bidden voor de kerk, wereldwijd en in ons land en in onze stad. Dat wij de christelijke waarden van vergeving en mededogen beleven en verkondigen in de samenleving van vandaag.

S T I L T E Laat ons bidden.

 

Lector: Wij bidden voor de samenleving die niet eensgezind is wanneer vluchtelingen en vreemdelingen een beroep op ons doen. Dat wij wegen vinden om in gesprek te komen met voor- en tegenstanders. Behoed ons voor verharding waardoor mensen van elkaar verwijderd raken.
S T I L T E Laat ons bidden.

 

Lector: Wij bidden voor mensen die elkaar leed en verdriet hebben aangedaan. Geef hen de moed de weg naar elkaar weer te vinden. Moge door het vertrouwen in uw liefde en barmhartigheid de bereid tot vergeving groeien. Help ons elkaar nieuwe kansen te bieden om als bevrijde mensen te leven.

S T I L T E Laat ons bidden.

 

Lector: Wij bidden voor onze parochiegemeenschap. Dat de goede geest van Titus Brandsma ons blijft bezielen. Om aandacht voor de zieken en bedroefden. Om sterkte en steun voor mensen die door tegenslagen klein worden gehouden. Om idealisme en enthousiasme voor onze jongeren. Om een goede examenuitslag voor alle jongeren die examen hebben gedaan.

S T I L T E Laat ons bidden.

 

Pastor

Goede God, mogen wij uw barmhartig liefde ontmoeten in Jezus onze Broeder en Heer. Dat zijn liefde door werkt in onze harten en in onze daden. Maak ons tot barmhartige mensen.
Door Christus onze Heer.

Overweging van zondag 5 juni door pastor Leon Teubner

Het evangelie dat we zojuist hoorden lijkt bij eerste lezing een heel helder verhaal te zijn. We zien met de leerlingen meelopend het geschetste tafereel zo voor ons.  Als we met Jezus aankomen bij de stad Naïm, komt een begrafenisstoet bij de stadspoort ons tegemoet: een weduwe doet haar dode zoon uitgeleide, haar enige, en met haar in rouwklacht is een grote menigte. Dan geschiedt er plotseling een wonder, d.w.z. iets dat tegen de natuur ingaat, vindt plaats: Jezus, ontroerd door het verdriet van de weduwe, wekt haar dode zoon opnieuw ten leven en geeft hem weer levend aan haar terug, zodat zij niet eenzaam en onverzorgd achter blijft. Zo gezien gaat het hier over een wonderlijke gebeurtenis, die ooit, 2000 jaar geleden is gebeurd, en voor de mensen van toen grote betekenis had, maar geen betekenis meer lijkt te hebben voor onze tijd. Geen mens is immers in staat om een dode tot leven te wekken. Tegelijk blijven er ook vragen over die het verhaal bij ons wekt.
Waarom wordt ons verteld dat de jongen gaat zitten en gaat spreken?
Waarom zegt Jezus tegen hem: waak op, en zeggen de mensen op het einde van het verhaal: een groot profeet is onder ons opgewekt?   Waarom wordt God verheerlijkt en niet Jezus met eensluidende woorden die ook in Exodus klinken: God heeft naar zijn volk omgezien?  En bovenal: waarom worden wij opgeroepen om te gaan zien wat overduidelijk is:
Zie, zegt het verhaal tegen ons, zie, een dode die de stad wordt uitgedragen, de enige zoon van zijn moeder die weduwe is, en het volk dat met haar begaan is?
Zie! Er valt misschien wel meer te zien dan wat er te zien is. Wat zegt het verhaal ons bijv. over het zien van Jezus? Er staat:
Als de Heer haar ziet, wordt Hij inwendig over haar bewogen en zegt Hij tot haar: Ween niet.
En tegen haar zoon zegt Hij: Jongen, waak op! Het zien van Jezus wordt inwendig gestuurd door bewogenheid. In het zien van het verdriet van de weduwe wordt Jezus tot in zijn ingewanden geroerd. Hij vertrouwt zich toe aan dit innerlijk bewogen worden, en beweegt mee in woord en daad. Hij loopt naar de jongen toe en zegt: waak op! En de jongen waakt op, gaat zitten en begint te spreken. Hier wordt een beeld gebruikt dat we bij Jezus vaker zien. als Hij zijn leerlingen of de mensen over God onderricht. Dan gaat Hij altijd eerst zitten voordat Hij begint te spreken. Gaan zitten en spreken is een beeld voor profetisch onderricht. Het gaan zitten en spreken van de jongen is hier een sprekend voorbeeld van profetisch onderricht.
Daarom zeggen de mensen ook tegen elkaar: een groot profeet is onder ons opgewekt. Zij zien ineens wat Jezus ook ziet: de jongen is niet dood, maar leeft nog niet echt. Hij slaapt nog en moet nog tot op God ontwaken, en met woord en daad getuigen van Gods werkzame aanwezigheid in en onder het volk.
Het gaan getuigen van de jongen brengt nu het volk in beweging. Ontzag neemt allen in bezit en zij verheerlijken God, zeggend: Een groot profeet is onder ons opgewekt, en: God ziet naar zijn volk om. De mensen zien de jongen ontwaken en horen hem het woord van God spreken, en zij voelen en getuigen: God ziet naar ons om, naar zijn volk. Dat besef nu gaat als een vuurtje door heel het joodse land, dat God omziet naar zijn volk – dat nieuws gaat de wijde wereld in. En zo getuigen niet alleen Jezus en de jongen van God maar nu ook heel het volk.
Dat is de betekenis van het verhaal tot op de dag van vandaag. Dat allen met hun leven gaan getuigen van Gods aanwezigheid. Wij moeten met Jezus op een andere manier gaan kijken naar wat leven en dood eigenlijk van God uit gezien is. Leven betekent niet zozeer biologisch leven,  maar in al je doen en laten, in je spreken en zwijgen van God getuigen in plaats van jezelf niet van jezelf. Dood is niet de biologische dood op het eind van ons leven, maar is onbewust en zonder besef van God door het leven gaan, en niet voelen dat God door jou wil omzien naar zijn volk. Het echte wonder in het verhaal geschiedt pas als wij gaan zien dat God in en doorheen ieder van ons zich bekommeren wil om zijn volk. Het echte wonder geschiedt wanneer wij gaan voelen dat Hij voortdurend bezig is onze ogen te scherpen voor zijn aanwezigheid in ons leven, en ons voortdurend vraagt om mee te bewegen met Hem. Waaraan merken wij nu dat God met ons bezig is? Het verhaal van vandaag geeft aan dat dáár waar je innerlijk bewogen raakt om mensen,..daar waar je wakker wordt op het leven van je naaste, … dat daar God in je aan het werk is. Maar daaraan meebewegen vraagt om onderscheiding. Onderscheiding in wat je al dan niet moet zeggen en doen. De Bijbel geeft ons daartoe handvaten om te onderscheiden. In de evangelieverhalen is het spreken van Jezus altijd bevrijdend, en zijn handelen is altijd bewarend en genezend. Alle verhalen getuigen dat Hij altijd contact met de Vader maakt in de ander die Hem op zijn weg gegeven wordt. En dat Hij wakker is op wat er dan innerlijk aan Hem gebeurt. En bewarend en bevrijdend omgaat met zijn naasten.
Morgenavond is er hier een bijeenkomst waarop we samen in de geest van Titus Brandsma willen nadenken wat we voor de vluchtelingen kunnen en willen betekenen die aan ons hier in Oss gegeven worden. Dat wij in de geest van Jezus en Titus bewarend en bevrijdend omgaan met hen, maar ook met degenen die zich door hun komst bedreigd voelen. Dat wij goed luisteren naar wat ons innerlijk beweegt en samen onderscheiden wat levengevend is en wat niet.

Oss verwelkomt Vluchtelingen

Informatie avond over hulp aan vluchtelingen. Op 6 juni 2016

 

Op maandag 6 juni kwamen 193 mensen op uitnodiging van het Diaconaal Beraad bijeen om te luisteren naar manieren om vluchtelingen in Oss bij te staan.

Eerst kregen we een informatief verhaal over vluchtelingen in het algemeen. 95 % wordt opgevangen in de regio. 5 % gaat naar Europa. Daarvan komt weer een klein deel in Nederland.

Vervolgens hoorden een indrukwekkend verhaal over de vlucht van een Syriër. Hij liet in twee korte films de schoonheid van zijn land zien en de verwoesting in de oorlog.

Ten slotte werden we gewezen op concrete projecten. Belangrijk is de ontmoeting met Nederlanders. Taalonderwijs.  Samen eten.  Inschakeling in het vrijwilligerswerk. Heel praktisch: hebt u een fiets over, dan kunt u daar een vluchteling een groot plezier mee doen!

Meer info kunt u vinden bij: www.ossverwelkomtvluchtelingen.nl

Op deze avond bleek overtuigend dat de welwillendheid om vluchtelingen welkom te heten groter is dan de tegenstand die hun komst her en der oproept.

Avonden als deze geven kwaliteit aan het leven in onze stad Oss.