Overweging van zondag 28-8-2016 door p. Tom Buitendijk

Woord van welkom

Van harte welkom in deze viering. |n het bijzonder het herenkoor dat na de vakantieperiode het  spits af bijt . Wij komen samen: niet als een losse verzamelingen individuen die niets met elkaar te maken hebben. We komen samen aan de Tafel van de Heer die ons aan elkaar aan bindt, die ons naar elkaar doet kijken als medegasten, die ons omvormt tot één gemeenschap waarin Gods liefde voor mensen zichtbaar wordt. Een feestmaal is een beeld van hoe de gemeenschap kan zijn en hoe onze samenleving zou kunnen worden. Als kerk hebben wij de taak de mensen tot eenheid te brengen en verdeeldheid op te heffen. Daarin slagen we niet altijd. Bidden we daarom om ontferming.

Overweging

In iedere samenleving zijn omgangsvormen.  Op de televisie heb je het programma van Jort Kelder : Hoe heurt het. Hoe pak je wijnglas van het dienblad en hoe houd je het vast? In het dagblad Trouw heeft Beatrijs Ritsema een leuke rubriek: Moderne manieren. Mag je in een restaurant zeggen dat de porties te klein zijn? Hoe spreek ik iemand aan op neuspeuteren? Mag ik vrienden vragen biologisch te koken?
Kunnen we nu Jezus van Nazareth in het rijtje van Jort en Beatrijs zetten met zijn advies: ga niet direct op de stoel zitten bij de gastheer. Die kan voor een ander bestemd zijn.  Doet Jezus ook aan omgangskunde en etiquette? Ik denk toch van niet.  De lezing begint al met de opmerking dat de Farizeeërs Jezus scherp in de gaten hielden. Hij was blijkbaar als een soort speciale gast uitgenodigd om hem te observeren. Wat zou hij zeggen? Wat zou hij doen?  Ze verwachten iets uitdagends. Stof voor discussie. Maar misschien ook iets om te beschuldigen van ontrouw aan de Joodse Wet. Hij is op weg naar Jeruzalem, de stad van zijn lijden, dood en verrijzenis, Heeft Lucas ons al verteld. Maar Jezus heeft zelf ook een scherpe opmerkingsgave. Hij ziet iets wat eigenlijk niet gezien mag worden. Hij ziet hoe iedere genodigde de beste plaats aan tafel zoekt. Hoe dichter bij de gastheer, hoe meer je in het oog valt, hoe meer aanzien je geniet. Eigenlijk vind Jezus het wel vermakelijk. Ze komen om Hem te observeren en ongewild en onbewust zetten ze zichzelf te kijk. Met milde humor zet Jezus de gasten voor schut. Hij vertelt een gelijkenis. Het is natuurlijk niet zo wat jullie doen. Het lijkt er alleen maar op. “ Iemand gaat naast het bruidspaar zitten en wordt daardoor alsmaar gefotografeerd. Hij is van het feest niet weg te denken. Totdat de ceremoniemeester komt.
Deze plaatsen zijn voor de ouders en hun beste vrienden. Achter in de zaal aan het tafeltje links is nog wel een  plaatsje vrij. Vol schaamte zoekt die persoon  een plaatsje bij de gasten die verre familieleden of vage vrienden zijn.”
“ Maar weet je wat ook kan”, zegt Jezus, “ dat is dat de bruidegom door de zaal loopt,  jou ziet en zegt “dat is een tijd geleden, kom even bij me zitten. Leuk dat je er bent.” Iedereen in de zaal ziet jou zitten en denkt: “ Dat moet vast wel een hele goede vriend zijn”. “Het is maar een gelijkenis die me zomaar te binnenschoot”, zegt Jezus, “maar jullie brave en wetsgetrouwe Farizeeërs zijn natuurlijk  niet zo. Jullie weten uit de Schrift: “Wie zich verheft zal vernederd worden, wie zichzelf vernedert zal verheven worden”.  En jullie weten ook: “wie zich vernedert vindt genade bij God. Voor de kwaal van de hoogmoedige is er geen genezing.” Het is milde humor van Jezus, maar ik denk dat de toehoorders toch niet veel gelachen zullen hebben. Eerder voelen zij zich beschaamd.
Wat Jezus met zijn gelijkenis aan het licht brengt is niet alleen dat mensen geneigd zijn zich beter te vinden dan een ander maar ook dat ze een ander geen goede plek aan tafel gunnen.  Hij laat  zien  dat hele keurige mensen – dat waren de Farizeeërs toch in tegenstelling tot de zondaars, hoeren, zieken en tollenaars, –  hun plaats niet weten. Nederig zijn is je plaats weten, weten wat je waard bent. Je zelf niet  onderschatten of overschatten.
In de ogen van God ziet de samenleving er anders uit: God heeft een voorkeursliefde voor de  armen en kleine mensen.  Voor kleine mensen is Hij bereikbaar. Hij geeft hoop aan rechtelozen. Hun bloed is kostbaar in zijn ogen. Hij koopt hen vrij uit het slavenhuis. Een zondaar die zich bekeert is voor God even belangrijk als 99 rechtvaardigen die geen bekering nodig hebben. Lieve Farizeeërs jullie komen niet vanzelfsprekend bij God op de eerste plaats. Nu kun je tactisch ergens onderaan de rij  gaan zitten. Het is helemaal niet zeker dat je dan  hoort : “Vriend ga hogerop”.  Nederigheid is dat je je eigen plaats kent.
Wat is onze plaats aan de tafel van de wereldsamenleving? Onderaan hebben kinderen een handjevol rijst en bovenaan is er sprake van verkwisting en overconsumptie. Een stukje méér welvaart zou in heel veel landen verbetering van levensomstandigheden met zich mee brengen. In onze streken lijden mensen aan welvaartsziekten.  Dat is toch eigenlijk een raar woord. Waarom heeft niet iedereen zijn juiste plaats aan de tafel van de wereld?
Jezus spreekt nu tot zijn gastheer: “Met al deze gasten heb je je eigen club uitgenodigd.  Je kunt er zeker van zijn dat je uitnodigingen terugkrijgt.  Eigenlijk is jouw gastvrijheid ook maar een soort berekening. Daar wordt de wereld niet beter van.” Over het hoofd van de gastheer heen zegt Jezus tegen ons: “ Als je gastvrij wilt zijn nodig dan de mensen uit die arm, gebrekkig, kreupel en blind zijn.  Deze categorieën staan voor mensen die niet meetellen omdat ze onder aan de ladder van de samenleving bungelen.  Voor mensen die vanwege psychische of fysieke handicaps het buiten het normale leven gehouden worden. Voor mensen die het tempo van de maatschappij niet kunnen bij houden. Voor mensen die geen toekomst meer zien.
Jezus zegt:  “Laat nou ook eens die mensen een plaatsje zoeken aan de tafel van de wereld. En als ze komen en als ze een plaats innemen waar jij had willen zitten, doe dan een stapje terug en laat hen voorgaan.  Wees zo nederig dat je een plaats zoekt en vindt te midden van mensen die jou nodig hebben om zich aan tafel thuis te voelen. Concreet in onze dagen: “gun vluchtelingen ook een plek in onze samenleving en wees bereid zelf een stapje terug te doen als het nodig is. Gun het een ander om naast je te zitten.” Als er een tafelschikking komt waarin ieder zijn eigen plek heeft en zijn buurvrouw of buurman vriendelijk in de ogen  kan kijken, dan is dat een stukje hemel op aard. Jezus belooft ons: wie nederig zijn plaats weet wordt ook bij de voleinding der wereld door God gezien. Hij treft je aan bij mensen bij wie Hij jou verwacht. Niet hoger ; niet lager. Hij ziet jou op jouw plaats aan het hemels feestmaal.

Voorbede

Pastor: God, voor kleine mensen bent u bereikbaar.
Hoor dan ons gebed en verhoor ons.

 

Lector:

Goede God, wij bidden dat wij onszelf leren kennen en onze plaats weten te vinden te midden van de mensen. Bewaar ons voor hoogmoedigheid waarmee we op anderen neer kijken; behoed ons voor valse bescheidenheid waardoor we onszelf te kort doen. Laat ons uitgroeien tot die mens zoals u ons gewild en bedoeld hebt.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

Lector
Goede God, uw voorkeur gaat uit naar kleine mensen; zij zijn kostbaar in uw ogen. Help ons met respect en eerbied te kijken naar mensen aan de randen van de samenleving: de hoogbejaarden die te duur zijn; de mensen met een handicap voor wie geen plaats is op de arbeidsmarkt ; de vluchtelingen die we liever niet wille ontvangen; de mensen die door tegenslag en baanloosheid tot armoede vervallen. Help ons om hen aan een goede plaats een uw tafel te gunnen.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

Lector Goede God, wij bidden u voor het welslagen van de Missie Verkeersmiddelen Actie. In India zet een ziekenhuis zich in voor terminale patiënten. Om ambulances aan te schaffen hebben zij ons om hulp gevraagd. Laat ons niet doof blijven voor hun geroep ; maak ons harten mild en onze handen gul. Mogen wij onze Indiase zusters en broeders helpen goed verzorgd en waardig te sterven.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

Lector

Wij bidden voor de slachtoffers van de aardbeving in Italië. Voor hen die gestorven zijn; voor hen die het  over leefden. Dat zij hulp ontvangen op veilige wijze hun dorpen op te bouwen. Voor onze parochiegemeenschap. Voor de ernstig zieken in ons midden. Om overgave aan Gods wil. Voor de vereenzaamden en bedroefden. Om troost en genezende aandacht. Voor de intenties in het boek van de  Maria kapel. Voor onze persoonlijke intenties.

S T I L T E  Laat ons bidden.

 

Pastor

Heer God, maak ons van harte bereid zo met elkaar om te gaan  dat ieder zijn plaats vindt aan de tafel van deze wereld.
Door Christus onze Heer.

Advertenties

Overweging bij het feest van Maria Tnhemelopneming door p. Tom Buitendijk

 

Inleiding.

U allen van harte welkom op het feest van Maria Tenhemelopneming. Wij belijden in geloof dat Maria met lichaam en ziel bij God is., dat zij  als eerste van alle mensen delen mag in de levenskracht van de Verrezen Christus die de dood heeft overwonnen. Wat Maria ten deel is gevallen staat ons nog te wachten. Als wij zeggen dat Maria met lichaam en ziel ten hemel opgenomen is belijden wij dat in Maria hemel en aarde elkaar raken. In haar is onze verlossing echt begonnen, zij is de eerste van de mensen die door de dood is heen gehaald. Als wij aan de hand van Maria Jezus navolgen dan wacht de hemel ook ons. Willen we na een ogenblik stilte bidden om Gods ontferming opdat ook wij het nieuwe leven waardig worden.  

Overweging
Rijke mensen gaven eens een party, zoals dat heet, voor familie, vrienden en buren. Veel mensen zagen elkaar voor het eerste en genoten van elkaars gezelschap. De drank vloeide rijkelijk en de hapjes waren overvloedig. Onder de gasten was een opvallend knappe man. Een rijzige gestalte met mooi zilverwit haar. Maar de vrouw naast hem was bepaald niet knap. Helaas, ze was zelfs lelijk te noemen. Een jongeman die teveel drank op had sprak de oude heer aan en zei:  “Mijnheer u ziet er op uw leeftijd fantastisch uit. U bent echt een mooi man. Maar waarom bent u met zo’n lelijke vrouw getrouwd?” De oude heer wilde eerste boos worden bij deze beledigende opmerking. Maar hij bedacht zich en zei: “Jongeman, als u mijn ogen had en door mijn ogen naar deze vrouw zou kijken, dan ziet u de mooiste vrouw van de wereld!” In de prefatie die we straks bidden wordt gezegd dat Maria het beeld van de kerk der voleinding is. Maria is het beeld van de kerk op haar best. De kerk in haar ware gestalte. Hoe mooi vinden wij Maria? Hoe mooi vinden wij de kerk? Met welke ogen kijken wij naar de kerk? Zouden we zo naar de kerk kunnen kijken dat het beeld van Maria daarin gaat op lichten?
Het woord ‘kerk’ roept allerlei reacties op. Voor veel mensen is de kerk een organisatie die zegt dat je zus en zo moet leven. De kerk is een bemoeizuchtig instituut dat geleid wordt door oude mannen van boven de tachtig die niet weten wat er in de wereld te koop is. Of de kerk is een club van stiekeme mannen die de kat in het donker knijpen en die allerlei schandalen rond geld en seks in de doofpot willen houden. Of de kerk is een bolwerk van macht dat allerlei moderne ontwikkelingen in de samenleving wil tegen houden. De kerk is een instelling die voor veel mensen haar geloofwaardigheid verloren heeft. Het enige goede is dat de kerk nog antwoord geeft aan de religieuze behoeften van mensen door haar symbolen en riten. “Met de kerk wil ik niets te maken hebben, maar sommige pastores zijn wel aardig”, vertrouwde iemand mij toe. “Dank je wel “, zeg je dan en je vraagt je af: “met wat voor ogen kijkt iemand nu naar de kerk?”
De kerk zoals die blijkbaar op veel mensen overkomt, is een stukje van de werkelijkheid van de kerk. Dat moeten we niet willen ontkennen. Maar de werkelijkheid van de kerk is veel groter en dieper en vooral: er is in de kerk ook veel moois te zien. Waarom kijken we daar niet naar? Wij vieren vandaag dat wij in Maria het beeld mogen zien van de voltooide kerk. Wij zien Maria als de moeder van barmhartigheid, als de voorspreekster bij haar Zoon Jezus, als troosteres van de bedroefden, als koningin van de vrede, als het dienstbare meisje, als een sterke vrouw die op komt voor arme mensen, als de moeder die onze noden en zorgen kent. In allerlei facetten zien wij dat Gods goedheid in haar oplicht. Zoals bij een diamant ieder vlakje een eigen schittering heeft, zo heeft iedere naam van Maria haar eigen glans en kleur. Liefde gaf haar duizend namen.
Wij vieren vandaag dat Maria ons vanuit de hemel wenkt om op weg te gaan naar de voltooiing die haar ten deel gevallen is en die ons te wachten staat. Eens zullen ook wij ten volle kerk zijn: huis van de Heer, waar God zich bij ons volkomen thuis voelt. De kerk is veel meer dan een instituut. De kerk is een veel diepere werkelijkheid. De kerk is een gemeenschap van mensen, van een volk, dat onderweg is naar voltooiing. De kerk is een beweging van mensen met ideeën en idealen over hoe mensen met elkaar kunnen leven om zo het Rijk van God, de hemel, een stukje dichter bij de aarde te krijgen. De kerk is ook een gemeenschap van zwoegers en ploeteraars om Gods wil te doen “op aarde zoals in de hemel”. De werkelijkheid van de kerk is die van een gemeenschap van mensen die zich volk van God durven noemen en die in deze wereld en in deze samenleving Gods goedheid gestalte willen geven.  De kerk wil en kan zijn zoals Maria: iemand in wie God op licht. Hoe ziet de kerk eruit die op Maria lijkt? Naar welke facetten kunnen we dan kijken? In het Magnificat – het lied van Maria – is zij een vrouw van geloof. Geloof in de zin van: op God vertrouwen en Gods kracht door jou heen laten stromen. Als wij ons hart openen wil God ook in ons werkzaam worden. De kerk is instrument van Gods goedheid.  Dat wordt concreet in de dienstbaarheid van Maria.
Zij neemt het op voor hen die hongeren naar gerechtigheid, voor de armen die alles van God verwachten, voor de geringe en kleine mensen die niet geteld worden in de wereld van de groten en machtigen. De kerk heeft net als Maria een zorgtaak in deze wereld. Maria, een joodse moeder, heeft Jezus geholpen de Schrift, de Bijbel te leren verstaan. Maar zij ook de eerste leerling van Jezus geworden. Zij heeft Hem op zijn levensweg gevolgd tot onder het kruis. Zij heeft geleerd Hem na te volgen. Zij heeft gehoor gegeven aan zijn oproep om voor elkaar zo goed als God te zijn. Aan de hand van Maria kan de kerk leren wat navolging van Jezus betekent in deze tijd.
Waarom zouden we de schoonheid van de kerk niet meer willen bekijken: De kerk als instrument van Gods goedheid; de kerk als zorgzame dienares voor mensen die hulp behoeven, de kerk als trouwe leerling die Jezus wil navolgen op de weg van kruis en dood naar het nieuwe leven van Pasen.
In iedere geloofsgemeenschap zijn er mensen te vinden die door hun geloofsleven mooie mensen worden en die daardoor de kerk mooi maken. Van alle mensen is Maria dan wel de mooiste. Wanneer wij ons door haar laten inspireren worden ook wij mooie mensen. Dan maken wij met haar de kerk mooi in deze wereld.

Voorbeden

Pastor

Bidden wij tot God die ons in Maria aanmoedigt de weg te gaan naar het hemels geluk.

Lector
Bidden wij voor de kerk in deze wereld. Dat zij Gods komend Koninkrijk centraal stelt in haar spreken en handelen. Dat zij ons wegen wijst naar goed en gelukkig leven met elkaar. Moge het geloof van Maria ons geloof versterken.

S t i l t e  Laat ons bidden.

 

Lector
Bidden wij voor mensen die afzien van grootheid en macht en die kiezen voor dienstbaarheid en toewijding aan het welzijn van anderen. Dat zij zich door U gezegend weten en van u kracht en volharding ontvangen. Moge het voorbeeld van Maria bron van inspiratie zijn.

S t i l t e  Laat ons bidden.

 

Lector
Bidden wij voor mensen die oprechte leerlingen willen zijn van Jezus. Dat wij ons zijn woorden ter harte nemen en proberen te volbrengen. Dat zijn daden van goedheid door ons worden voortgezet. Mogen wij aan de hand van Maria geleid steeds meer leerling van Jezus worden.

S t i l t e  Laat ons bidden.

 

Lector
Bidden wij voor onze parochiegemeenschap. Voor de vereenzaamden en de verarmde mensen. Dat  wij hen zien. Voor de zieken en bedroefden. Dat wij hen aandacht schenken. Voor de jarigen in onze gemeenschap. Om gezondheid en geluk. In het bijzonder  bidden wij voor pater George Zeegers, die vandaag  jarig is. Om Gods zegen en ons meeleven in alles wat komen gaat.

S t i l t e  Laat ons bidden.

 

Pastor
Heer God, moge Maria als beeld van de kerkons helpen de schoonheid van de kerk te zien die tot uiting komt in het leven van de gelovigen. Maak ons tot mooie mensen voor elkaar. Dit vragen wij u op voorspraak van Maria. Door Christus onze Heer.

Amen.

Overweging van zondag 7 augustus door p. Tom Buitendijk

Woord van Welkom

 

U allen van harte welkom in deze viering. Het leven heeft veel te bieden. Zeker in onze welvaartsmaatschappij. Nederland is een van de rijkste landen van de wereld. De meeste mensen noemen zich dan ook wel gelukkige mensen: het is hen gelukt om van het leven iets te maken. Maar toch : is dat alles wat er is….? Wordt ons geluk niet getemperd  wanneer we ons oog richten op de grote problemen waarmee we te kampen hebben?  Dat Koninkrijk van God is er nog lang niet en we vragen ons vaak af: komt er nog  wat van? Willen we aan het begin van deze viering bidden om ontferming. Onze daden zijn vaak niet in overeenstemming met het Koninkrijk waarnaar we uitzien.

 

Openingsgebed  

Goede God,  u schenkt ons de gave van het komende koninkrijk. Mogen wij de trekken daarvan ontwaren in onze samenleving. Maak ons hart open voor uw Rijk en doe ons verlangen naar uw toekomst. Dit bidden wij u door Christus onze Heer.

 

Gebed over de gaven
Goede God, U nodigt ons aan uw Tafel. U schenkt ons in brood en wijn uw liefdevolle Tegenwoordigheid. Mogen wij brekend en delend  groeien in saamhorigheid.
Dit bidden wij u door Christus onze Heer.

 

Slotgebed
Goede God, U nodigt ons uit te beleven  van uw beloften en u vraagt ons trouw te zijn aan uw woord. Help ons in deze samenleving te kiezen voor solidariteit en schenk ons het gevoel van verantwoordelijkheid voor elkaar. Behoed onze samenleving voor verharding en verkilling. Moge uw Licht opgaan over alle mensen hier.
Dit bidden wij u door Christus onze Heer.

 

 

Overweging

In het evangelie vertelt Jezus twee gelijkenissen. Ze zijn beide waarschuwingen: wees gereed als de Heer komt. Toch zijn ze ook verschillend: In de gelijkenis van de bruidegom die terugkomt is er sprake van lange duur. De bruidegom kan elk ogenblik komen maar hij kan ook nog een poos weg blijven.  In de gelijkenis van de dief in de nacht wordt het  het plotseling en het onverwachte benadrukt.  Petrus vraagt aan Jezus: voor wie bedoelt u nou die gelijkenissen : voor ons of voor iedereen?   Wie zijn die ‘ons’ en wie is die ‘iedereen’?Kort na Jezus’ dood aan het kruis en zijn verrijzenis dachten de leerlingen dat het Rijk  Gods spoedig zou doorbreken. Zij zouden er de getuigen van zijn.  Dat vraagt om waakzaamheid.  Je moet wel zorgen dat je huis gereed is de Komende Heer te ontvangen.  Hij komt even onverwachts als een dief in de nacht.  Dat “ons” van Petrus zou best weleens de eerste generatie gelovigen zijn.  Maar als de tijd verstrijkt en er nieuwe generaties gelovigen aanbreken die dus niet van het eerste uur zijn, dan kan de gedachte aan de spoedige doorbraak verdwijnen.  Dan gaat er iets ontstaan als lauwheid, vanzelfsprekendheid,  gewoonheid.  O ja , we wachten nog wel op dat Koninkrijk van God maar gaan ondertussen toch bezig met de opbouw van onze eigen  koninkrijkjes.  Hoe verzeker ik mij van geluk? Van materiele rijkdom? Van macht en invloed in de samenleving? We vergeten dat we geroepen zijn uit te zien naar de komst van de Heer die zijn Rijk vestigt in ons midden.  Daarover gaat de tweede parabel. Ook in de tweede en zelfs in de derde nachtwake moet je klaar zijn de komende Heer te ontvangen. Ook in de derde nachtwake blijft de belofte staan: God is de Komende die midden in onze wereld zijn rijk zal vestigen. Op zijn tijd. Ook na lang wachten moeten we toch nog waakzaam zijn.
In de jaren zestig van de vorige eeuw wilde pater Cyrillus Hendriks een parochie bouwen met zes kleine kerken en een grote kerk. Hij noemde de parochie “de Wederkomst van Christus”.  De eerste en de laatste kerk die gebouwd werd, was de Scheppingskerk.  Naast het klooster aan de Verdistraat was een stuk grond gereserveerd voor de grote kerk van Christus’ wederkomst, een kerk die er nooit gekomen is.  Daartussen zouden nog vijf of zes kerkjes komen zoals  de Christusgeboorte kerk. De kerk van de Gedaanteverandering. De Verrijzeniskerk.  Cyrillus leefde in zekere zin in de tweede nachtwake. Hij is nog van de generatie van volle kerken, grote aantallen, van invloed van het geloof op de moraal van de mensen en van betrokkenheid op de katholieke zaak. Deze volkskerk van vroeger komt nooit meer terug.  Van vanzelfsprekende katholiek zijn worden we uitgedaagd om bewust katholiek te zijn.  Dat betekent:  kiezen voor je geloof , getuigen van je geloof, je gedragen volgens je geloof.  Samengevat: leven met het oog op Gods komst in ons dagelijks bestaan.
Wij als krimpende en marginale kerk van vandaag  zijn als het ware van de derde nachtwake .  Maar ook nu blijft de belofte waar:  “De Heer komt om zijn Rijk te vestigen in ons midden”.  En ook voor ons geldt de oproep: “ Wees waakzaam”. Ook wij dienen ons te gedragen als mensen die de komst van de Heer ieder ogenblik verwachten.  Al zijn we ook van de derde nachtwake en weten wij niet hoelang wij nog moeten wachten, toch moeten wij ons eerlijk afvragen:

Houd ik in mijn dagelijks leven rekening met Gods komst?
Gedraag ik mij als gedoopt en gevormd christen als een burger van Gods komend Koninkrijk?
Hoe ziet mijn gedrag er concreet uit als ik zeg te geloven en te hopen op een nieuwe wereld waarin God en mens zich samen thuis kunnen voelen?
Als wij ons eraan wennen deze vragen aan onszelf te stellen, zullen we ook zien dat we andere mensen worden. We worden meer ‘mensen van God’.
De kerk – wij dus, de gemeenschap van gelovigen – is zelf in deze wereld al teken en instrument van Gods liefde.  Ook al zijn wij  als kerk getalsmatig steeds minder aan het worden, het is van levensbelang voor de wereld dat wij er zijn. U en ik dus.
Jezus noemt ons “zout”  en “licht”.  Het zout hoeft niet veel te zijn om smaak te geven.  Wij hebben als christenen de opdracht om de humaniteit in de samenleving te behoeden. Wij hebben de opdracht aan de wereld te tonen dat het niet gaat om geld, macht, aanzien en geld.  Het gaat ons erom gaat dat aan kleine mensen recht wordt gedaan; dat noodlijdenden geholpen worden; dat mensen kunnen groeien in kwaliteit van leven. Dat God komen zal om ons werk te voltooien moeten we volhouden tegen alle waanzin van de wereld in.  Dat is onze zoutende kracht.
Heel terecht maken veel mensen zich zorgen om wat er in de wereld gebeurt:  de schending van de aarde, het wantrouwen in de politiek, de eindeloze oorlogen, het gehalte van de democratie…. het wordt donker om ons heen.
Maar in het donker dragen wij als christen het vlammetje van de hoop. Het licht dat wij bij ons doopsel gekregen hebben. Het paaskaarsje dat we in de Paasnacht aansteken. De vlam van de hoop in ons hart zal niet doven zolang wij naar de wederkomst van de Heer uitzien.
Het lijkt mij dat de behoefte van de wereldse samenleving aan de kerk met haar christelijke inspiratie veel groter is dan wij denken.  Ook al worden kerk en godsdienst teruggedrongen in de privé sfeer alsof het een leuke hobby is, toch zien we ook dat er verlangen is naar een richting gevend woord, naar een hoopvol gebaar, naar een getuigenis dat het goed kan komen met deze wereld.
Voor gelovigen en niet-gelovigen is paus Franciscus een verfrissende en vernieuwende kerkleider. Hij zet mensen aan het denken, hij wijst op perspectieven, hij toont in verrassende gebaren wat wij allen als kerkmensen kunnen doen. Op onverwachtse manieren een teken van Gods nabijheid stellen.  Ook deze paus zal de kerk niet veel voller krijgen. Hij zal er wel in slagen ons vitaler en bewuster christen te doen zijn. Zo wordt de kerk ook weer een stukje geloofwaardiger teken en instrument van Gods liefde;  Gods liefde die in volheid komen zal als wij er al stukjes van doen oplichten.

Pastor

God,  richt ons hart  op uw toekomst en maak ons dienstbaar aan uw komend Rijk.

Lector
Wij bidden u voor alle mensen die zich in hun keuzes laten leidend door Gods beloften. Dat zij de tegenstand die zij daarbij ontmoeten verduren. Wees Gij hun sterkte.

S TI L T E Laat ons bidden.

 

Lector

Wij bidden voor alle mensen die zorg dragen voor kwetsbare mensen. Help hen onze samenleving een menselijk gezicht te geven. Blijf , God, hen inspireren.

S TI L T E Laat ons bidden.

 

Lector

Wij bidden voor alle mensen die verstrikt in eigenbelang de weg naar de ander niet  kunnen vinden.  Behoed hen voor verbittering en eenzaamheid. Doorbreek met uw licht., God,  hun duisternis.

STI LTE Laat ons bidden.

 

Lector

Wij bidden voor alle mensen die zich inzetten voor het geluk van hun medemensen. Help hen te groeien in belangeloosheid.  Help ons een samenleving op te bouwen voor al uw mensen zonder onderscheid.  S TI L T E Laat ons bidden.

 

Lector

Wij bidden voor onze parochiegemeenschap. Voor de zieken en ouderen. Om goede moed en om levenslust. Voor de vakantiegangers. Om een goede en ontspannen tijd. Voor de thuisblijvers. Dat zij zich niet eenzaam en vergeten voelen. Voor onze persoonlijke intenties en de intenties in het boek van de Mariakapel … … Om verhoring van deze gebeden op voorspraak van de Z. Titus Brandsma.

S TI L T E Laat ons bidden.

 

 

Pastor

Help ons uw Rijk te vinden zodat wij ons hart eraan kunnen verpanden. Dit bidden wij U door Christus onze Heer.  Amen.