Overweging van zondag 3 juni 2018 door pastor Leon Teubner

God heeft een verbond gesloten,

een liefdesverbond met alle mensen,

een liefdesverbond met ieder van ons.

 

In de 1e lezing hoorden we dat Mozes

alle woorden en bepalingen van God opschreef

in het verbondsboek en daarna voorlas aan het volk.

 

Het volk luisterde en antwoordde eenstemmig met:

Alles wat God zegt zullen wij doen en ter harte nemen.

Vervolgens besprenkelde Mozes het altaar en het volk

met het bloed van de offerdieren en zei:

 

Dit is het bloed van het verbond dat God

op grond van al deze woorden met u sluit.

Hiermee bekrachtigt Mozes in een rite

het verbond tussen God en zijn mensen.

 

Wat opvalt is de wederkerigheid die het verbond vraagt.

God geeft zijn aanwijzingen aan het volk,

en het volk belooft te doen wat God zegt

en zijn aanwijzingen ter harte te nemen.

 

Het verbond werkt alleen maar

als beide partijen – God en de mens,

zich toevertrouwen aan elkaar,

zichzelf geheel en al aan elkaar geven.

 

God vertrouwt zich met al wat is aan ieder van ons toe,

en Hij blíjft dat doen, ja, Hij is een trouwe God.

Maar Hij vraagt daarmee ook aan ieder van ons,

dat wij ons met al wat is, toevertrouwen aan Hem.

 

Zoals Jezus zich heeft toevertrouwd aan zijn Vader tot het uiterste.

Hij heeft zich toevertrouwd aan Gods woorden en aanwijzingen.

Hij heeft ze ter harte genomen en ze met zijn leven bewaard.

 

Zo heeft Hij zijn leerlingen met zijn leven voorgedaan,

hoe zij eveneens het verbond met de Vader konden leven:

door naar Gods aanwijzingen te luisteren,

ze ter harte te nemen en ze te doen.

 

Tijdens het laatste avondmaal nu gedenkt Jezus met zijn leerlingen

het liefdesverbond dat God sloot met Mozes en het volk,

en met alle generaties na hen,

zoals al zijn geloofsgenoten deden en nog doen op het Paasfeest.

Hij benadrukt daarbij sterk de wederkerigheid.

Hij neemt tijdens de maaltijd het brood,

spreekt de zegen uit, breekt het

en geeft het aan zijn leerlingen met de woorden:

‘Neemt en eet, dit is mijn lichaam.’

 

Daarna neemt Hij de beker met wijn,

en na het spreken van het dankgebed

reikt Hij hen die toe en zegt:

‘Dit is van mij het bloed van het verbond.’

 

Jezus getuigt hier van zijn wederkerigheid

m.b.t. het liefdesverbond van zijn Vader.

Zoals de Vader zichzelf geheel geeft aan Hem in zijn woord,

zo geeft Jezus zich geheel en al aan de Vader met zijn leven:

met zijn lichaam en zijn bloed.

 

Jezus voltrekt hier op rituele wijze

wat Hij tijdens tot dan toe steeds gedaan heeft:

Hij heeft zichzelf als een instrument

ter beschikking gesteld aan zijn Vader,

door de woorden van zijn Vader ter harte te nemen en te doen.

 

Door deze rite met zijn leerlingen te voltrekken,

vraagt Hij aan hen om met hun leven hetzelfde te doen.

Als je dit brood aanneemt, dat staat voor mijn lichaam,

en als je deze wijn drinkt, dat staat voor mijn bloed,

word dan gelijk mij en doe als ik.

 

Ontvang met dit brood en met deze wijn

ook de gesteltenis waarin ik leef:

dat is, dat Ik, gelijk de Vader, trouw blijf

aan het liefdesverbond met Hem.

 

Met heel mijn lichaam en bloed,

met heel mijn hart en met al mijn kracht,

ja, met inzet van mijn leven heb Ik mij geheel gegeven:

aan jullie en aan wie ook die Ik op mijn weg tegenkwam.

 

Weet nu dit: zoals de Vader zich geheel en al geeft aan Mij

Zo geeft Hij zich ook geheel en al aan ieder van jullie.

Als jullie dus mijn leerlingen willen zijn, vertrouw er dan op

dat de Vader zich ook geheel en al geeft aan jullie.

 

En doe dan zoals Ik jullie heb voorgedaan,

Ontvang de Vader en leer van Hem uit jezelf te geven

zoals Ik deed: met lichaam en bloed, met hart en ziel,

met inzet van je leven, aan elkaar en wie er op je weg komt.

Omdat wij leerlingen van Jezus zijn,

en omdat wij zijn gesteltenis in willen oefenen,

nemen wij elke week deel aan de eucharistie,

het sacrament van brood en wijn

dat het liefdesverbond van God met ons bekrachtigt.

 

Dit sacrament van liefde biedt ons de kracht en de mogelijkheid,

om Jezus na te volgen en meer en meer te doen zoals Hij.

In het aanbieden van onze gaven van brood en wijn,

geven wij onszelf ritueel uit handen aan onze Vader.

 

Uit onze naam vraagt dan de priester aan God,

dat Hij dat brood en die wijn – wij dus – wilt zegenen

en omvormen tot het lichaam en bloed van Christus.

Dat Hij ons omvormen zal tot zijn geliefde Zoon,

dat Hij allen één zal maken tot één lichaam met Hem.

Maar dat kan alleen als wij Hem onze toestemming geven.

 

Daarom zeggen wij ook ‘Amen’

als wij brood en wijn krijgen aangeboden met de woorden:

dit is het lichaam en bloed van Christus.

Amen – ja dat is zo, dat zijn wij,

Ja, wij willen het lichaam en bloed van Christus zijn.

 

Maar daarmee is het verhaal nog niet af,

want wat wij in deze viering ritueel ondergaan,

moeten wij straks na de viering

met ons leven nog wel gaan doen.

 

Daarom klonk vroeger op het eind van de viering:

als wegzending: Ita missa est

Ga heen, dit is de mis.

 

En dit betekent zoveel als:

Ga heen om de gemeenschap met God en met elkaar

in het dagelijks leven te voltrekken

en zo al doende uit te dragen in de wereld.

 

Het liefdesverbond met God vraagt om wederkerigheid.

Het liefdesverbond van God vraagt dat wij ons,

vanuit onze ik-gerichtheid, steeds weer keren naar Hem

om te gaan leven en handelen vanuit Hem.

 

Dat wij in al ons doen en laten God blijven opzoeken.

Hij is de Enige die ons vervolmaken kan

en ons wil omvormen tot zijn lichaam en bloed,

wanneer wij Hem daarom vragen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s