Oveweweging van zondag 10 juni 2018 door p. Tom Buitendijk

Overweging

Bij de voorbereiding van de Eerste Communie is er een les over het Onze Vader. Pauline, een heel slim kind, zei ’s avonds aan tafel: “ik heb vandaag geleerd, ma, dat ik je zus ben. En ik heb ook geleerd, pa, dat jij mijn broer bent.”  “ Wat leren jullie rare dingen”, zeiden pa en ma.
“ We hebben voor het eten toch net het Onze Vader gebeden ! ”, zei Pauline. Als we ‘Onze Vader’ bidden, dan zijn alle mensen inderdaad zussen en broers van elkaar. Wij zijn zussen en broers , ja zelfs de moeder van Jezus, als wij de wil van God volbrengen. Volbrengen is in praktijk brengen.
Met de boodschap dat God een liefhebbende Vader is trekt Jezus door het joodse land. Overal krijgt hij bijval.  Hij verkondigt dat God als een Vader van zijn kinderen houdt, dat vergeving van fouten mogelijk is, dat zieken en gebrekkigen niet mogen worden uitgesloten, dat liefde voor elkaar de basis van samenleving is en niet meer de Wet met alle regels, geboden en verboden, 653 in getal.

Marcus tekent in zijn evangelie  Jezus als een rondtrekkende wonderdoener en uitdrijver van demonen. Demonen zijn kwade krachten of van geesten die mensen gevangen houden. Wij zouden zeggen: gevoelens van mislukking, angsten om er te mogen zijn. Misschien ook depressieve buiten of obsessies. Blijkbaar kost het uitdrijven van demonen veel energie. Jezus is er moe van, zegt Marcus. Zijn moeder en broers en zussen denken dat hij opgebrand raakt, een burn-out heeft. Zij willen hem met zacht geweld tot rust dwingen.

Maar dan komen ook de tegenstanders in beweging. De tegenstanders die Jezus op zijn weg ontmoet,  zijn Schriftgeleerden die met alle macht en kracht de Wet willen handhaven. Daarmee houden zij gezag over de gewone mensen en kunnen ze een scheiding aan brengen tussen trouwe volgelingen en mensen die er niet meer toe doen.  Precies die mensen die er niet toedoen, spreekt Jezus aan en bij Hem vinden juist deze mensen een hartelijk welkom: “je hoort erbij, God ziet om naar jou, je bent  geliefd.”

De Schriftgeleerden proberen Jezus zwart te maken. “Je drijft demonen uit met de vorst van de duivels. In jou huist een duivelse geest.  Jij bent niet van Godswege”. Door die beschuldiging willen  ze verdeeldheid zaaien.  Jezus wijst hen op hun gebrek aan logica: in een huis waar kwade machten elkaar bestrijden heerst verdeeldheid. Verdeeldheid leidt tot niets dan ellende.

In een samenleving, verkondigt Jezus, waar mensen voor elkaar op komen, elkaar recht doen elkaar,  elkaar dienen, daar komt eenheid en vrede tot stand. Daar heerst de Geest van God.  Wie die Geest van God die liefde, vrede, verbondenheid en eenheid verspreidt, tegenwerkt begaat een onvergefelijke fout.  Wie tegen de liefde ingaat, zaait haat en verdeeldheid.

In onze dagen gebeuren veel onvergefelijke dingen:  de vele oorlogen in de wereld dienen de belangen van de machtigen  en maken slachtoffers onder de gewone mensen; met name kinderen en ouderen.

Het is onvergefelijk dat we de wegen naar vrede niet vinden. Door bezuinigen schiet de opvang en de zorg voor mensen met psychische stoornissen ernstig tekort. Mensen die liefde en aandacht nodig hebben worden in de steek gelaten en gaan dan inderdaad gekke dingen doen.  Het is onvergefelijk dat wij in dit land de psychische gezondheid verwaarlozen. Demonen uitdrijven begint met verwarde mensen te zien staan en lief te hebben.

Het is een brandende kwestie waar wij als mensen voortdurend voor gesteld worden:  waarom begaan wij  heel de mensengeschiedenis door die onvergefelijke stommiteiten die ons alleen maar ellende bezorgen?

Die vraag wordt vandaag niet voor het eerst gesteld.  Toen eeuwen geleden de Bijbelschrijvers de mondelingen verhalen die onder de mensen leefden opschreven, toen schreven ze ook het verhaal op hoe het kwaad in de wereld kwam.
De eerste mensen in het ongeschonden paradijs leefde in volle vrijheid. Er werd één grens gesteld: van de boom van kennis van  goed en kwaad mag je niet eten. Daar moesten ze van af blijven. Precies dat lukte niet.

Adam en Eva konden  de verleiding niet weerstaan aan God de Schepper gelijk te willen zijn. Toen ze gegeten hadden van de boom gingen hun de ogen open en zagen ze hun stommiteit in. Ze waren niet de Schepper. Ze waren naakte schepselen.  Ze stonden in hun hemd.

Ze werden zich ervan bewust dat ze schepselen waren die kwaad konden doen.

U weet: Als mensen iets kunnen, doen ze het ook. Atoombommen maken die de wereld vernietigen.
De grondstoffen uit de aarde halen totdat ze op zijn.
Gas uit de grond halen totdat de huizen in storten.
De oceanen vol plastic gooien totdat vissen eraan dood gaan. Maar ook: praten over zelfbeschikking en voltooid leven alsof we de baas zijn over de adem Gods die ons leven doet. Niemand geeft zich zelf het leven.

Het is een onvergefelijke fout dat schepselen er voor kiezen God gelijk te willen te zijn. Daar komt alleen maar verdeeldheid en ellende van.

Kain slaat zijn broer Abel dood en vraagt: Ben ik mijn broeders hoeder?  Terwijl hij “ja” moet zeggen, handelt hij “neen”.  Tot op de dag van vandaag gaat dat door.

Maar God zou God niet zijn als Hij de mensen hun goddeloze gang laten gaan. Integendeel, God ziet naar mensen om.  De Bijbelverhalen stoppen niet bij dat verhaal dat mensen tegen Gods wil in kunnen gaan en kwaad kunnen doen. God kiest mensen uit om met Hem een Verbond aan te gaan. Noach , Abraham, Mozes, David, de profeten, Johannes de Dopen en bovenal Jezus, zijn eigen Zoon.

God geeft mensen beloften van een nieuwe wereld en samenleving. Eerst gaf hij de Wet als boek van het verbond. Maar toen mensen de Wet gingen gebruiken om zichzelf de goeden te noemen en de anderen de kwaden, zond God zijn Zoon Jezus.

In Jezus straalde Gods Geest uit. Een bevrijdende kracht.

Een genezende macht. Een helend stem die mensen zei: Ook jij hoort bij God die liefde is.  Als jij Gods wil die liefde is, volbrengt, dan vorm je een nieuwe samenleving van zussen en broeders die met mij bidden: Onze Vader, uw rijk, uw wil, breng ons niet in beproeving en houd het kwade van ons af.  Het is een onvergefelijke stommiteit de uitnodiging om Gods kinderen te zijn af te slaan, omdat we zo nodig God de Vader willen zijn.  We hebben het toch al moeilijk genoeg om elkaars zussen en broers te zijn !

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s